Ik ben Bate Hylkema, geboren op 26 september 1937 en ik woon in het Friese Beetsterzwaag. Ik schrijf al vanaf 1980 artikelen voor het bulletin van de ‘Vereniging Voor het Kind & Maximafilie’. Verder ben ik in het verleden ook medewerker geweest van ‘Postzegel Revue’ (1996 – 1999) en ‘Mijn Stokpaardje’ (2000 – 2001). Tussen 2004 en 2009 heb ik enkele artikelen voor het maandblad Filatelie geschreven.Ik schrijf vanaf de start van Postzegelblog elke zondag een column waarin ik op zoek ga naar het verhaal achter een postzegel.
’t Is nog maar enkele weken geleden,
In mij bijdrage van 1 augustus, namelijk “Onbegrensd Nederland & Suriname I”, heeft u ongetwijfeld in het onderschrift bij de schematische afbeeldingen van de gevouwen angisa's (Surinaams hoofddeksel) gelezen dat bij het woord 'achter' de 'r' vergeten is. Misschien heeft u na aankoop van dit velletje ook zélf de fout ontdekt en gezien .
Na een inventariserend onderzoek van het postzegelvel ‘Lang leve het bos!’ zijn er opvallende structuren in deze fotografische collage te ontdekken, waarmee de zeggingskracht én de inhoudelijke boodschap van het geheel voor mij meteen behoorlijk duidelijker werden. De uitkomst van mijn bevindingen wil ik graag met u delen. Ik wens u daarbij veel lees-, kijk- en ‘genietgenot’.
Enkele weken geleden zijn er twee afleveringen op Postzegelblog verschenen, waarin plagiaat op postzegels aan de orde is gekomen. Wel in een randgebied van de Nederlandse filatelie is in 1940 ook een “ergerlijk staaltje van plagiaat” geleverd. De dagbladpers (Maasbode van zaterdag 27 januari 1940) informeert de lezer daar uitgebreid, gedetailleerd en in hoogdravende/tijdgebonden berichtgeving nader over. Het artikel besluit: “In het belang van deze kunstenaars leek het onze plicht dezen onvaderlandschen kidnapper te signaleren.”
Er blijken veel (kinder)postzegel-verzamelaars te zijn die naast (kinder)postzegels ook prentbriefkaarten verzamelen, welke in de loop der jaren door de Stichting Kinderpostzegels Nederland zijn uitgegeven. Wel voor die speciale groep verzamelaars is er goed nieuws. De 'Vereniging voor Kinderpostzegels en Maximafilie' zal in oktober a.s. een rijk geïllustreerde catalogus van 240 bladzijden uitgeven, waarin 99 procent van alle uitgegeven Voor het Kind-prentbriefkaarten in kleur zijn afgebeeld. In tabellen is er een prijsindicatie opgenomen.
De in 1949 in Suriname uitgegeven luchtpostzegel (met daarop twee in klederdracht gestoken ‘authentieke inlandse’ iconen -Volendamse en Creoolse -) verbindt/overbrugt/verbeeldt op een inzichtelijke, ingenieuze én gedateerde manier (voor ons op dit moment, anno 2010) met een vliegtuig twee ver uit elkaar liggende landen, die voorheen eeuwen aaneen alleen met een schip met elkaar contacten. 
Naar aanleiding van het voorontwerp van de verjaardagspostzegel voor koningin Beatrix (in een briefachtige uitvoering met linten) in de vorige aflevering, hierbij een drietal Nederlandse postzegels, waarop een echt gelopen brief is afgebeeld. Twee daarvan zijn qua afbeelding bij iedere verzamelaar algemeen bekend, de resterende afbeelding daarentegen maar bij een enkeling.
In tegenstelling tot de ogen van de koningin op het portret van Henk Beeuwkes uit Oudebildtzijl laat Beatrix haar ogen (ter zake deskundig) wél vallen op postzegelafbeeldingen, waarop ze zelf een hoofdrol speelt (letterlijk én figuurlijk op te vatten). Met uitstekend onderbouwde argumenten én kennersogen weet zij postzegelontwerpen te analyseren en op hun juiste merites te beoordelen.
De opmerking in een TNT Post-folder “Onze postzegels krijgen een cijfer” doet me denken aan mijn schoolperiode met mondelinge overhoringen, proefwerken en examens. Echter met de cijfer-invoering “maakt TNT Post het frankeren gemakkelijk” voor de particuliere consument. 














