Brits maritiem erfgoed - Postzegelblog

Brits maritiem erfgoed

0

De Britse Royal Mail gaf op 16 juni 1982 een serie van vijf postzegels uit onder de titel ‘Maritiem Erfgoed’. Het ontwerp van de postzegels werd verzorgd door ontwerpbureau Trickett & Webb Ltd te Londen. Dit bureau werd in 1971 opgericht door twee kunstenaars, Lynn Tricket en Brian Webb. Het ontwerpbureau werd opgeheven in 2003 waarna de twee kunstenaars verder hun eigen weg gingen.

 

Hendrik VIII was de grondlegger van de Britse Royal Navy (toen Navy Royal genoemd) in zijn drang om meer internationale macht te kunnen uitoefenen. Hij beval om nieuwe oorlogsschepen te bouwen die zich konden meten met die van Frankrijk, het Heilige Roomse Rijk en Spanje, toen de grootmachten. Het oorlogsschip Mary Rose was van het type kraak (het woord was een verbastering van het Spaanse carraca, in het Engels: carrack) en de kiel werd in 1510 gelegd te Portsmouth. Het schip werd te water gelaten in juli 1511. Meer van dit type schepen werden gebouwd en in 1520 bezat Hendrik VIII een oorlogsvloot die gelijkwaardig was aan de vloten van de andere grootmachten. Het portret van Hendrik VIII op de postzegel is geschilderd door een onbekende meester en is te zien in Montacute House, Somerset. Het behoort tot de collectie van de National Portrait Gallery in Londen. Zijn mantel is echter geheel anders van tekening en kleur dan op het originele schilderij.

De Mary Rose werd in 1536 verbouwd en kreeg een extra dek en het gewicht steeg van 500 ton naar 700 ton. Op een prentkaart, in 1980 uitgegeven door Mary Rose Trading Ltd, is het verbouwde schip te zien.  De Mary Rose ging ten onder op 19 juli 1545 tijdens de zeeslag tegen de Fransen die Engeland dreigden binnen te vallen. Het schip zonk in de Solent, de zeestraat tussen Zuid Engeland en het eiland Wight, door een verkeerde manoeuvre waardoor water via de open geschutspoorten in het schip drong. Het wrak werd door duikers in 1971 ontdekt en in 1982 gelicht en geconserveerd. Samen met de vele andere vondsten die tot het schip behoorden, zoals kanonnen en tuigage. Nu te zien in een speciaal gebouwd museum in Portsmouth, waar het schip in 1510 werd gebouwd.

Admiraal Robert Blake werd op 27 september 1598 (een andere bron schrijft: augustus 1599) in Bridgwater, Somerset, geboren en werd een van de meest beroemde Engelse admiraals die leefden in de 17de eeuw. Onder zijn leiding groeide de Britse vloot uit tot de machtigste van de wereld. De titel ‘admiraal’ werd in die tijd niet gevoerd en stamt uit latere tijden. Zijn rang was ‘generaal op zee’. Hij schreef enkele boeken met vaarinstructies en vechtinstructies die een herziening betekenden voor de toen geldende tactieken.

In zijn zeeslagen was hij tegenstander van onder anderen Maarten Tromp. Het vlaggenschip van Blake tijdens de Slag bij Dungeness was de ‘Triumph’, afgebeeld op de postzegel. De zeeslag vond plaats op 10 december 1652. Hier trof hij Tromp met zijn vlaggenschip Brederode en de Nederlandse vloot, waaronder het ‘Witte Lam’ van Michiel de Ruyter. Een zware nederlaag dreigde. Blake wist echter te ontvluchten door zijn vloot terug te trekken. Tijdens de Slag om Scheveningen op 10 augustus 1653 verloor Tromp het leven. Blake overleed op 7 augustus 1657 aan zijn verwondingen die hij had opgelopen tijdens de slag bij Cadiz. Hij werd begraven in de kapel van Hendrik VII in Westminster Abbey op 4 september 1657. In 1661 werd zijn graf verwijderd op last van koning Karel II en zijn resten verbrand in een kuil op het kerkhof van St Margaret, naast de Abbey. Het bronzen standbeeld, ontworpen door beeldhouwer F.W. Pomeroy, werd in het jaar 1900 onthuld.

In het dorp Burnham Thorpe, graafschap Norfolk, werd Horatio Nelson op 29 september 1758 geboren. Hij begon zijn maritieme loopbaan toen hij 12 jaar oud was en aanmonsterde op het oorlogsschip HMS Raisonnable, waarop zijn oom kapitein was. Hij werd adelborst en volgde een opleiding tot officier. Hij had geen goede gezondheid, was vaak zeeziek en in 1794 verloor hij tijdens een gevecht in Corsica het zicht in zijn rechter oog. Zijn rechter arm werd in juli 1797 verbrijzeld door een musketkogel tijdens de ‘Slag van Santa Cruz de Tenerife’. Hij moest sindsdien zijn arm in een draagdoek laten rusten.

Hij klom op tot commandant van de vloot en versloeg op 1 augustus 1798 de Franse vloot van Napoleon Bonaparte tijdens de ‘Slag bij de Nijl’. In 1801 nam hij als viceadmiraal deel aan de zeeslag bij Kopenhagen. De Denen leken te winnen en hij kreeg van het commandoschip het vlaggensignaal om zijn schepen terug te trekken. Nelson dacht te kunnen winnen, nam zijn verrekijker en zocht met zijn blinde oog naar het vlaggensignaal. Zijn beroemd geworden woorden: ‘Ik zie geen signaal’. Daarop zette hij toch de aanval in en won de zeeslag. Op het schilderij is Nelson afgebeeld in vol ornaat, in 1799 geschilderd door de kunstschilder Lemuel Francis Abbott. Dit portret is ook afgebeeld op de postzegel.

Het meest bekend werd hij door zijn optreden als admiraal op zijn vlaggenschip ‘Victory’. Tijdens de zeeslag bij Trafalgar op 21 oktober 1805 werd hij om 13.15 uur door een scherpschutter van het Franse oorlogsschip Redoutable in de borst geschoten. Nelson was herkenbaar aan de vele onderscheidingen die hij op zijn jas droeg en vanwege de draagdoek voor zijn rechter arm. De kogel trof zijn long en bleef steken in de ruggengraat. Hij werd naar beneden in het schip gedragen en bleef vanaf zijn bed de slag volgen door boodschappers. Om 16.30 uur overleed hij. Zijn lichaam werd in een vat rum geconserveerd en teruggebracht naar Londen. Hij ligt begraven in St Paul’s Cathedral in Londen.

John Arbuthnot ‘Jack’ Fisher, Baron of Kilverstone, werd op 25 januari 1841 geboren op het eiland Ceylon. Op 13-jarige leeftijd nam hij dienst bij de marine en werd aangemonsterd op het oude vlaggenschip van admiraal Nelson, de Victory die in Portsmouth lag, waar hij zijn opleiding kreeg. Hij klom snel op en in 1890 werd hij benoemd tot ‘rear admiral’. Op 21 oktober 1904 werd hij als ‘First Sea Lord’ verantwoordelijk voor de gehele Britse vloot. In zijn functie moderniseerde hij de vloot van zeilschip, stoomschip naar schepen met dieselmotoren en ontwikkelde een geheel nieuw type oorlogsschip, de dreadnought klasse.

Stalen slagschepen met draaibare geschutstorens. Inmiddels was ook een nieuw type voortstuwing ontwikkeld, de stoomturbine. Die werd ook toegepast in de ‘Dreadnought’ het eerste schip in deze klasse dat in 1906 van stapel liep. Het schip had 10 kanonnen van 30,5 cm (12 inch) in vijf geschutstorens. Twee in elke toren. Het was het grootste oorlogsschip in die tijd. Lord Fisher overleed op 10 juli 1920 te Londen en werd begraven op het kerkhof van St Andrew te Kilverstone, een dorpje ten noordoosten van Thetford in Norfolk.

Andrew Browne Cunningham, 1st Viscount Cunningham of Hyndhope, werd op 7 januari 1883 geboren te Rathmines bij Dublin. Hij volgde tot 1898 zijn officiersopleiding in het ‘Britannia Royal Navy College’ in Dartmouth. Tijdens de Eerste Wereldoorlog had hij het bevel over een destroyer. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij opperbevelhebber van de Middellandse Zeevloot. Op 6 juni 1939 kwam hij aan boord van zijn vlaggenschip HMS Warspite. Hij onderscheidde zich bij de ‘Slag om Kaap Matapan’ van 27 tot 29 maart 1941 tegen de Italiaanse marine. De Italianen verloren in die slag 2.303 marinemensen, drie zware kruisers en twee torpedobootjagers. Cunningham verloor slechts een torpedobommenwerper.

Een schilderij met op de achtergrond HMS Warspite werd vervaardigd door kunstschilder Leslie A. Wilcox voor de Royal Navy Volunteer Reserve, opgericht in 1903. Voor de Warspite vaart een modern oorlogsschip dat geleide projectielen kan lanceren, links het Royal Patrons Yacht en op de voorgrond een zeilscheepje dat eigendom is van de R.N.V.R. met de naam ‘Volunteer’. De kiel van de Warspite werd gelegd op 31 oktober 1912 en het schip werd op 26 november 1913 gevechtsklaar verklaard. Het oorlogsschip nam dus deel aan twee wereldoorlogen.

Admiraal Cunningham noemde zijn schip de ‘Grand Old Lady’. Aan het einde van haar loopbaan werd het schip in de Tweede Wereldoorlog alleen nog ingezet ten behoeve van kustbombardementen, zoals bij D-Day in Normandië. Op 1 november 1944 schoot zij haar laatste granaten af op Duitse doelen op het eiland Walcheren. In juli 1946 werd de bewapening in Portsmouth van het schip verwijderd. Op 23 april 1947 liep de Warspite, toen ze op sleeptouw was genomen, tijdens een storm op de rotsen bij Prussia Cove in zuid Cornwall. Men wist het schip nog vlot te trekken maar werd, vanwege de zware beschadigingen van de romp, aan de grond gezet in Mount’s Bay. Daar werd het schip in 1955 ter plaatse gesloopt. De naamplaat van het schip is nog te zien in de pub ‘The Wink’ in Lamorna, Cornwall.

De officiële blanco eerstedag envelop van Royal Mail, inclusief ingesloten toelichting, was te koop voor 14p per stuk. De envelop werd in vele steden in Groot-Brittannië voorzien van afdrukken van het plaatselijke stempel op de eerste dag van uitgifte van de serie postzegels. Zoals bovenstaand voorbeeld van Poole, een havenstad aan de zuidkust van Engeland van waaruit de meeste schepen met militairen voor de landing in Normandië vertrokken. Verzamelt u ook enveloppen met stempelafdrukken met de eerste dag van uitgifte van nieuwe postzegels? Kant-en-klaar of zelfgemaakt?

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Historisch Groot Brittannië Musea Napoleon Schilderkunst Tweede wereldoorlog



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (5 stemmen, gemiddeld: 5,00 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Reacties (0)

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)