Spraakmakend geld – de Nederlandse gulden (3) - Postzegelblog

Spraakmakend geld – de Nederlandse gulden (3)

1

In de derde editie van Spraakmakend geld – de Nederlandse gulden aandacht voor de gedeeltelijk zichtbare bankbiljetten op de 5e, 7e, 9e en 10e postzegel. De 8e postzegel met daarop een afbeelding van het Lieftinck-tientje bewaar ik voor de afsluitende editie van deze artikelserie, omdat daar interessante en redelijk recente / tijdgebonden informatie in is terechtgekomen.
Aan het einde van dit artikel is ontwerper Snitker aan het woord, waarin hij zijn uitgangspunten bij de samenstelling van dit postzegelvel nader toelicht.

Spraakmakend geld – de Nederlandse gulden: uitgiftedatum 23 juli 2018

Het hele postzegelvel nogmaals in beeld:

De vorige artikelen over Spraakmakend geld – de Nederlandse gulden

 

Spraakmakend geld – de Nederlandse gulden (1)

 

 

 

Spraakmakend geld – de Nederlandse gulden (2)

 

 

5. Spraakmakend geld: papieren rijksdaalder uit 1949


De Nederlandse regering in Londen kwam in de loop van de Tweede Wereldoorlog al tot de conclusie dat er in ons land na een eventuele beëindiging van de oorlog een groot tekort aan edelmetaal zou zijn om er munten van te maken. De oplossing werd gevonden door het metalen muntgeld door papiergeld te vervangen. Op 4 februari 1943 werd krachtens een koninklijk besluit besloten daartoe toestemming te verlenen. Toen begin mei 1945 de Duitsers ons land hadden verlaten, is op 18 mei 1945 nogmaals bij koninklijk besluit uitgevaardigd dat de uitgifte van papieren bankbiljetten gedrukt mochten worden.
Net als bij munten komt er op bankbiljetten ook een afbeelding van de koningin te staan o.a. op een rijksdaalder. In 1948 volgde koningin Juliana haar moeder op. Dat betekende dat er voor de opvolgende vorstin ook een nieuw type ontwerp van de rijksdaalder moest worden gemaakt. De minister van financiën keurt het grafisch ontwerp van een wettig betaalmiddel van twee en een halve gulden op 9 augustus 1949 middels een handtekening goed.

7. Spraakmakend geld: 1000-guldenbiljet (rooie rug) uit 1860

Bij dit biljet is voor de eerste keer een guilloche-patroon op de achterzijde aangebracht als beveiliging.
Het bankbiljet van 1000 gulden uit 1860 kreeg in het taalgebruik ‘rooie rug’ of ‘roodje’ als benaming. Deze naam hing samen met de rode identiteitskleur (kleurherkenning) op de keerzijde (rug/achterkant) van het biljet. In de cirkel is een
gehelmd hoofd afgebeeld, dat uit de sierrand met guilloche-patroon aan de voorkant van het biljet afkomstig is.
In die periode waren ook andere biljetten in de roulatie met een kleuraanduiding: 25 gulden werd in de volksmond een geeltje genoemd en een 40 gulden-biljet een groentje.

8. Spraakmakend geld: Lieftinck-tientje uit 1945


Bij de geldzuivering in 1945 werd aan elke Nederlander een tientje uitgekeerd of geleend om de week tussen intrekking van het bestaande geld en de invoering van de nieuwe bankbiljetten te overbruggen.
Volgende week wordt de achtergrond van het Tientje van Lieftinck nader belicht.

9. Spraakmakend geld: 250-guldenbiljet uit 1986

Het 250-guldenbiljet uit 1986 met daarop als afbeelding de vuurtoren Westerlicht uit Haamstede met talrijke detailleringen is door grafische kunstenaar Ootje Robert Deodaat Emile Oxenaar ontworpen. De opvallend kleurige illustratie (daardoor gemakkelijk van andere kleurige biljetten te onderscheiden) benadrukt als culturele boodschapper een sterke verbondenheid met ons land door de relatie water en scheepvaart. Deze kleurigheid valt ook te ontdekken op de door Oxenaar ontworpen postzegels.

Oxenaar heeft op een heel slimme wijze namen van twee vriendinnen en een kleinkind (respectievelijk Ria, Eugénie en Hannah) in het iconische ontwerp ‘verborgen’ verwerkt. De Nederlandsche Bank kon in eerste instantie deze frivoliteit van persoonlijke aard van de ontwerper bepaald niet waarderen. Toen de Oxenaar vertelde dat deze namen als veiligheidskenmerken waren ingebouwd, kon DNB er volledig mee instemmen. De aanwezigheid van het watermerk, namelijk een konijn, bezit ook een heel persoonlijk tintje. Het konijn is van een vriendin.
Oxenaar heeft nog meer bankbiljetten in het laatste deel van het ‘gulden-tijdperk’ ontworpen. Op al deze bankbiljetten staan geen met naam bekende personen. Vandaar dat deze bankbiljettenserie (in tegenstelling tot die uit andere landen) als een onpersoonlijke reeks wordt bestempeld.
Het is her allereerste exemplaar dat van de drukpers rolde. Het biljetnummer 0001000008 is te zien op de achterkant van het bankbiljet.

10. Spraakmakend geld: 10-guldenbiljet uit 1997

In 1997 kwam het laatste 10-gulden-biljet van tien gulden van ontwerper Jaap Drupsteen in de roulatie. De levensduur van dit tientje wordt vergroot door de toepassing o.a. van kunststofvezels en een betere coating.
Naast het lege vlak, waarin het watermerk met de ijsvogel is geplaatst, is er bijna geen wit in het biljet te bekennen.


De ijsvogel (alcedo atthis ispida [Latijns]) is in het watermerk zichtbaar gemaakt door donkere en lichtere tinten. Op de andere kant van bankbiljet staat het gedicht van de ijsvogel van Arie van den Berg in opdracht van De Nederlandsche Bank geschreven.

De abstract-grafische beeldcompositie van dit tientje (bestaande uit grote en kleine cirkels, golven, rechthoeken, driehoeken en veelhoeken; alle gevuld met een geweldig grote veelheid aan lijnen in roden, blauwen en enkele gelen) is biljet-vullend met een witte, onbedrukte rand in tegenstelling tot de andere bankbiljetten uit deze serie. Die zijn alle beeld-doorlopend met een ‘niet-eindigende’ afbeelding aan de rand van het bankbiljet.
Het biljet telt verschillende echtheidskenmerken o.a. een reflecterende folie, reflecterende planchettes, een voelbare opgedrukte inktlaag, watermerk en een doorzichtregister met daarin een afbeelding van een stekelbaarsje. Deze vis is pas zichtbaar als het bankbiljet tegen het licht wordt gehouden. Pas dan is de gehele vis te zien
Dit 10-guldenbiljet wordt door sommigen beschouwd als het hoogtepunt van de Nederlandse bankbiljetten.

De uitgangspunten van ontwerper Snitker

Snitker:”Om te beginnen koos ik voor de cirkel en rechthoek als dominerende basisvormen, als verwijzing naar de combinatie van munten en biljetten. Het moest in mijn ogen een overwegend ontwerp technisch worden. Dat past bij het onderwerp, denk maar aan de veiligheidskenmerken om het namaken van munten en bankbiljetten tegen te gaan.
Ook wilde ik het geld als cultuurdrager laten zien, waarmee het ontwerp een eerbetoon zou worden aan de Nederlandse vormgeving. Daarom zocht ik naar een kleurrijk en vrolijk ontwerp, met een krachtige, eigentijdse en zelfs trotse uitstraling op basis van een strakke geometrische grondvorm en lijnmotieven.
In het ontwerp zijn allemaal verwijzingen opgenomen die dit ondersteunen. Bijvoorbeeld het groengrijze guilloche-patroon, waarmee ik ook refereer aan de belangrijke rol van de graveurs in de totstandkoming van papiergeld. De grote waarde-aanduing 1 net zoals de cijfers op de meeste moderne guldenbiljetten groot worden afgebeeld. Het aandeel van 20 procent wit op de postzegels, wat ook geldt voor bankbiljetten, omdat die ruimte nodig is voor het watermerk. En de hoek van 45 graden, zoals die voorkomt op de rijksdaalder van Ninaber van Eyben.”

Beeld: PostNL, DNB en B. Hylkema

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Thematisch Nederland Nederland Geld op postzegels



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (3 stemmen, gemiddeld: 5,00 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Bate Hylkema schrijft vanaf 1980 artikelen over filatelie en woont in het Friese Beetsterzwaag.

Reacties (1)

  • Lauri Peper op 25 juli 2018 om 00:42

    @Bate wat ik me afvraag is of er voor dit postzegelvel ook aparte lettertype zijn ontworpen en zo ja door wie?

    Daar wordt – ook in de Collect- niets over vermeld.

    Als er niet is gekozen om een apart lettertype te laten ontwerpen voor deze zegels / postzegelvel, dan is de vraag waarom niet?

    Waarom niet bij de specificaties opnemen welk lettertype is gebruikt? De typografie is toch ook belangrijk voor het zegelbeeld. Zeker met zoveel tekst in de velrand!

    Weet jij het antwoord Bate of kan jij het achterhalen bij Postnl?

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)