Zomerzegels 1970 betekenisloze structuren: wereldprimeur in postzegelwereld - Postzegelblog

Zomerzegels 1970 betekenisloze structuren: wereldprimeur in postzegelwereld

1

NVPH 965 - Zomerzegel 1970 - OxenaarDe Dienst Esthetische Vormgeving van PTT heeft over de vormgeving van de zomerzegels 1970 (nvph 965/69) een bijzonder interessante folder ‘De zomerzegel en de computer’ uitgegeven over de vervaardiging van de post-zegels in combinatie met werktekeningen en een voorstudie van 25 cent zomerzegel.
Op de achterzijde van deze folder staat een grote, door de computer uitgevoerde structuur van 55 x 55 cm, waar-uit Oxenaar uiteindelijk de 25 cent zomerzegel abstraheerde. Als muurdecoratie trok deze folder destijds sterk de aandacht. Naar aanleiding daarvan heeft de Pers- en Propaganda Dienst van PTT vijf bladen uitgegeven met 16 keer gevarieerde afbeeldingen van elke zomerzegelstructuur.


Aanvankelijk stond de Stichting Comité voor de Zomerzegels zeer sceptisch tegenover de abstracte computer-postzegels. Deze postzegels zouden voor de verkoop voor een kleine groep kunstkenners aantrekkelijk kunnen zijn, terwijl het grote publiek als hoofdafnemers deze zomerzegels wel eens links zouden kunnen laten liggen. Vandaar dat PTT een omvangrijk informatieve promotiefolder heeft uitgegeven.


De informatieve binnenkant van de folder, terwijl op de achterkant de voorontwerpen van de 25 cent zomerpostzegels terecht zijn gekomen.

Verreweg het grootste wordt gekocht door filatelisten en postzegelhandelaren. Voor de FDC-enveloppen alleen is al ongeveer 20 procent van het totaal aantal verkochte series nodig.
Ook vreesde het Comité de hoge aanmaak- en productiekosten dan gewoonlijk van deze bijzonder experimentele zomerpostzegels, die naderhand niet door PTT zijn doorberekend.

Zomerzegels 1970

NVPH 965 - Zomerzegel 1970 - Oxenaar NVPH 966 - Zomerzegel 1970 - Oxenaar NVPH 967 - Zomerzegel 1970 - Oxenaar

NVPH 968 - Zomerzegel 1970 - Oxenaar NVPH 969 - Zomerzegel 1970 - Oxenaar

Zomerzegel en computer

De zomerzegels 1970 (nvph 965/69) zijn op een ongewone en voor de postzegelwereld unieke wijze tot stand gekomen. De serie is ontworpen met behulp van een computer, om precies te zijn : met behulp van een ‘man-machine-systeem’ (bestuurder prof. R.D.E. Oxenaar), waarin het mechanische gedeelte bestaat uit een geprogrammeerde rekenmachine gekoppeld aan een tekentafel, uitgerust met een stuureenheid, die de opdrachten van de rekenmachine ontvangt in de vorm van X en Y-coördinaten.
De computer werkt als een gehoorzaam instrument (in wezen een dom werktuig), die de ontvangen instructies tot in perfectie feilloos weet uit te voeren. In die uitwerking overtreft hij de falende mens, maar mist wel een brein en gevoel.


De 12 cent zomerzegel (zwart op geel) geeft een isometrische projectie van een cirkel via negen tussenvormen naar een vierkant in drie verschillend uitgevoerde projecties.

Jasia Reichardt in 1968: “De computer verricht verschillende functies, die in bredere zin een daad van intelligentie schijnen te zijn. Bijvoorbeeld hanteren van symbolen, behandelen van informatie, gehoorzamen aan complexe regels en zelfs leren door ervaring. De computer is echter niet in staat tot het maken van abstracties en is verstoken van de drie voornaamste krachten achter de creativiteit: verbeelding, intuïtie en emotie.”

Bij de vervaardiging van de structuurtekeningen van de zomerzegels speelt de computer dan ook uitsluitend als snel en perfect werkend hulpmiddel een rol. De ontwerper wordt als kiezer en combinator een oneindig aantal variabele spelmogelijkheden geboden op het terrein dat zonder deze hulp zeer arbeidsintensief en daardoor moeizaam hanteerbaar pleegt te zijn.


Bij de ontwerpen van de nieuwe 5 en 10 gulden bankbiljetten zijn de meest ingewikkelde ornamentenmotieven (als guillocheerwerk van de coragraphmachine) aangebracht om te voorkomen dat deze waardepapieren (met daarin ook nog als beveiligingsmiddel een watermerk) eenvoudig nagemaakt konden worden.

De start begint feitelijk bij het zoeken van een definitie van waardepapier in het kader van een opdracht van de Nederlandse Bank aan Oxenaar tot het ontwerpen van een nieuw Nederlands bankbiljet. Hij deed ervaring op met de bankbiljetten van 5 en 10 gulden, waarin veel guillocheerwerk aan te pas kwam.

De 15 cent zomeregel (zwart op aluminium) toont twaalf evenwijdige vlakken in een kubus, die ontleent zijn aan een
programma van het Centrum voor Cubische Constructies te Heerlen met bijgaand logo. Een vervolgontwerp geeft zes horizontale en zes verticale vlakken, waardoor de ruimtelijkheid door het op het verdwijnpunt gerichte perspectief danig toeneemt.

De ontwerper Oxenaar is hier in actie in nauwe samenwerking met drukker, laboratorium en bankspecialist en wordt geconfronteerd met een uiterst gecompliceerde materie, waarin vele traditioneel-emotionele, optische en perceptie-factoren een rol blijven spelen.

De 20 cent zomerzegel (zwart op wit) geeft twee kwarten van een rondeschaalverdeling 180 graden gedraaid over elkaar heen geplaatst.

Eén van de concrete resultaten van dit onderzoek ten aanzien van het ‘grafisch gezicht’ van waardepapier in het algemeen ( dus ook van postzegels) was, dat lineaire structuren werden ervaren als een element van waarborg. Lineaire structuren in de zin van volgens bepaalde patronen geordende héle dunne, héle strakke, elkaar onder steeds wisselende hoeken kruisende lijnen. Een lineaire micro-cosmos met een zo verfijnd mogelijke definitie in de drukuitvoering.

De vervaardiging met behulp van een geautomatiseerde tekenarm of plotter van een abstracte voorstelling aan de Technische Hogeschool te Eindhoven door Oxenaar.

Om dit als drukker optimaal te kunnen realiseren, besloot Joh. Enschedé en Zonen, Grafische Inrichting nv te Haarlem met vooruitziende blik de mogelijkheden van een numeriek bestuurde tekenmachine voor het construe-ren van waarde-structuren te onderzoeken. Dit bleek mogelijk door de welwillende medewerking van de afdeling bedrijfskunde i.o. van de Technisch Hogeschool te Eindhoven. De samenwerking met de groep numerieke besturing van deze afdeling betekende een avontuurlijke periode voor de ontwerper, die begon met een voorstel om zijnerzijds als reëel object een serie postzegelstructuren te ontwikkelen.

PTT had hiervoor uiteraard veel belangstelling. Ze publiceerde een reeks voorstudies in het PTT-jaarverslag 1968. Hieruit vloeide een opdracht voort tot het ontwerpen van een reeks zomerpostzegels met soortgelijke abstracte voorstellingen, waarvoor als gewoonlijk de volgende uitgangspunten dienden:

  • waardepapier met lineaire structuur,
  • herkenbaarheid van de ‘contour’ van die structuur per zegel: een ronde vorm, een vierkante vorm, een zeshoekige vorm, waardoor de zomerzegels onderling identificeerbaar per postzegel zijn,
  • een relatie tussen het karakter, de ‘werking’ van de patronen en doelen waar het Comité voor de Zomerzegels gelden voor verzamelt,
  • de verkleiningsmogelijkheden tot een oppervlak van 22 x 22 mm.

Het voorontwerp van de 25 cent zomerzegel (zwart op blauw) toont rondom de middelste cirkel met gecirkelde cirkelvulling bewerkingen op de cirkels toegepast als ‘samendrukking’ en ‘uit-elkaar-trekken’. Aan dit totale voorontwerp zijn de zomerzegelaffiche en de blauwe 25 cent zomerzegel ontleend, die de ontwerper omschrijft als overgangsfasen van concentrische cirkels met oplopende diameter.

De realisatie verliep als een voortdurende wisselwerking:

  1. Aan de ene kant schetste de ontwerper een reeks basisstructuren, die aan de computer-technici werden voorgelegd. Bepaalde delen bleken in ponskaarten aanwezig te zijn of waren via een in te typen codering in de gewenste richting te vervormen.
  2. Aan de andere kant: bestaande ponsbanden werden ‘opgegeten’ door de computer en bleken, wanneer de tekenarm ze visualiseerde, uit strikt technische gegevens bijvoorbeeld een gelijkmatige schaalverdeling, bij kleine ingrepen of vermenigvuldigen, verrassend interessante structuren op te leveren. De keuze-factor werd meestal bepaald door de mogelijkheid tot verkleining tot 22 x 22 mm.

De 45 cent zomerzegel (wit op aluminium) geeft een afbeelding met vier spiralen uitgespaard in het aluminium fond. Pas door een super sterke uitvergroting van het centrum is het zichtbaar dat de cirkelvormige voorstelling uit vier cirkels is opgebouwd.

De reeks die tot stand kwam ‘stelt-dus-niets-voor’ met de abstracte voorstellingen (ook een unicum in de Nederlandse postzegelseries), maar bleek met haar fascinerend ruimtelijke werking een voortreffelijke grafische begeleiding van de acties in de cultureel-sociale sector van onze samenleving, waarvoor het Comité voor de Zomerpostzegels financiële mogelijkheden wil trachten te scheppen.

Voor de vijf ontwerpen ontving Oxenaar een honorarium van 5.000 gulden. Het zou de laatste keer zijn dat hij voor postzegelonderwerpen werd betaald, want kort hierna is hij in dienst getreden bij PTT als adjunct-hoofd van de Dienst Esthetische Vormgeving.
Voor belangstellenden heb ik voor een luttel bedrag nog enkele folders in mijn bezit (batehijlkema@ziggo.nl).

Bron: geïllustreerde folder ‘De zomerzegel en de computer’, uitgegeven door de Dienst Esthetische Vormgeving van de PTT

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Historisch Thematisch Nederland Nederland



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (4 stemmen, gemiddeld: 5,00 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Bate Hylkema schrijft vanaf 1980 artikelen over filatelie en woont in het Friese Beetsterzwaag.

Reacties (1)

  • bate hylkema op 25 april 2021 om 12:39

    Ter aanvulling: in het logo van het Centrum voor Cubistische Constructies staat drie maal de letter ‘C’ in verschillende standen.

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)