De Russische bezetting van Oostenrijk in 1945 (deel 2) - Postzegelblog

De Russische bezetting van Oostenrijk in 1945 (deel 2)

0

Niet alleen het voormalige Duitse Rijk werd na de Tweede Wereldoorlog bezet door de vier geallieerde mogendheden, Groot-Brittannië, Frankrijk, de Verenigde Staten en de Sovjet Unie, maar ook Oostenrijk. De bezettingszones en het gemeenschappelijk bestuur van de stad Wenen werden op 4 juli 1945 vastgesteld.

 

De postzegel van 5 Pfennig met opdruk ‘Österreich’ werd voorzien van een tweede opdruk bestaande uit een zwarte balk met daarbovenop verticale lijnen, waarbij het woord ‘Österreich’ werd uitgespaard. Verzamelaars noemen deze zegels ook wel ‘Hitler hinter Gitter’, ofwel ‘Hitler achter de tralies’. De opdruk op de waarde van 5 Pfennig kent men in drie varianten. Een met 13 verticale lijnen, een met 14 lijnen en een met 15 lijnen. De opdruk met 14 lijnen komt het meeste voor. De drie varianten komen alle tegelijkertijd voor in het complete vel. Ze kunnen samenhangend verzameld worden. Soms vindt men ook sterk verschoven opdrukken. De uitgiftedatum was 21 juni 1945. De opdruk op de 5 Pfennig en de andere frankeerwaarden werd aangebracht door de inmiddels deels herstelde Staatsdrukkerij te Wenen.

 

Een nieuwe opdrukvorm werd samengesteld ten behoeve van originele Duitse postzegels zonder opdruk waarbij een aantal verticale lijnen vast aan de zwarte balk werd toegevoegd met daarbinnen diagonaal het woord ‘Österreich’. De uitgiftedatum was donderdag 21 juni 1945 voor de waarden van 5 Pfennig, 6 Pfennig en 8 Pfennig. De waarden van 6 en 8 Pfennig hebben de grootste oplagen. De oplage van de 5 Pfennig was 576.400 zegels waarvan 46.390 stuks werden vernietigd en 530.010 zegels werden verkocht. De zegel van 8 Pfennig had een oplage van 1.134.100 zegels waarvan 487.873 exemplaren werden vernietigd en 646.227 stuks werden verkocht. Bij deze zegels kan men exemplaren met gladde gom of verticaal geribbelde gom aantreffen. De waarde van 5 Pfennig was bestemd voor het tarief van briefkaarten van afzenders en geadresseerden binnen de stad Wenen. De waarde van 8 Pfennig voor brieven tot 20 gram binnen de stad Wenen.

 

De oplage van de 6 Pfennig bedroeg 1.245.100 exemplaren waarvan 633.217 stuks werden vernietigd zodat 611.883 zegels in omloop zijn gekomen. Bij deze zegel zijn vele kleurschakeringen te vinden van donker blauwachtig violet tot lila, met gladde gom of verticaal geribbelde gom. De waarde van 6 Pfennig was voor het tarief van briefkaarten voor het gehele bezette gebied.

 

Twee dagen later, op zaterdag 23 juni 1945, werd de waarde van 12 Pfennig uitgebracht. Van deze zegel bedroeg de oplage 1.944.200 exemplaren waarvan 1.413.294 stuks werden vernietigd zodat 530.906 zegels in omloop kwamen. Het einde van de geldigheid voor de frankering was op 27 juni 1945. Bij deze zegel kan men exemplaren met gladde gom of verticaal geribbelde gom aantreffen. De waarde van 12 Pfennig was voor het tarief van brieven tot 20 gram voor het gehele bezette gebied.

 

Echt gebruikte exemplaren waarvan de datum goed controleerbaar is, zijn bijzonder zeldzaam en de meeste gestempelde exemplaren zijn op verzoek aan het loket gestempeld. Zoals het voorbeeld van de postzegel van 8 Pfennig met een haarscherpe afdruk van het stempel 7 WIEN .. en datum 26 juni zonder zichtbaar jaartal, uitgegeven op 21 juni 1945. Een dag later, 27 juni 1945, was de betreffende postzegel ongeldig voor de frankering!

 

Twee waarden, de waarde van 30 Pfennig en 42 Pfennig werden wel van een opdruk voorzien maar zijn nimmer aan de loketten verschenen. De bedoeling was dat ze vanaf maandag 25 juni 1945 verkrijgbaar waren. Gestempelde exemplaren kunnen dan ook niet voorkomen. Hiervan bestaan ook twee varianten in de opdrukvorm. De eerste opdruk was uitsluitend met de balk en verticale lijnen op niet uitgegeven zegels met de opdruk ‘Österreich’. Daardoor kunnen verschuivingen optreden. De oplage was 140.000 stuks waarvan 100.000 stuks zijn vernietigd zodat 40.000 zegels zijn overgebleven. De tweede opdruk met ‘Österreich’ inclusief verticale lijnen en zwarte balk op de oorspronkelijke postzegels zonder opdruk. De oplage hiervan was 2.189.900 zegels waarvan 2.060.444 exemplaren werden vernietigd zodat 129.456 zegels toch in omloop kwamen. De waarde van 30 Pfennig kon worden gebruikt om het aantekenrecht te voldoen naast de postzegel van 12 Pfennig. De waarde van 42 Pfennig was voor aantekenrecht van 30 Pfennig inclusief frankeerwaarde van 12 Pfennig. De opdruk op de 30 en 42 Pfennig werd aangebracht door ‘Buch- und Kunstdruckerei Steyrermühl’ Gumpendorfer Strasse 40-44 in Wien VI. Omdat de Russische bezetter vanaf 27 juni 1945 het verbod had uitgevaardigd dat postzegels met de afbeelding van Hitler niet meer mochten worden gebruikt, werden de postzegels met opdruk van 30 Pfennig en 42 Pfennig niet meer aan de postkantoren geleverd.

 

Vier postzegels in de hogere waarden van 1 RM, 2 RM, 3 RM en 5 RM, RM staat voor Reichsmark, werden van een opdruk voorzien maar kwamen niet tot uitgifte aan de loketten. De reden was, dat toen de zegels gereed waren er plannen waren om de Pfennig en Reichsmark zo spoedig mogelijk uit de roulatie te nemen en te vervangen door de Oostenrijkse Groschen en Shilling. Gestempelde exemplaren kunnen dan ook niet voorkomen. Drie van de vier zegels bestaan in twee tandingvarianten. De eerste oplagen waren gedrukt op postzegels met lijntanding 12½, oorspronkelijk gedrukt in 1942. De tweede oplage in kamtanding 14, gedrukt in 1944. De waarde van 1 RM bestaat alleen in kamtanding 14. Het verhaal gaat dat een aantal Amerikaanse postzegelhandelaren een bestelling hadden geplaatst voor de levering van deze zegels in hogere waarden. In de kelders van de Weense Staatsdrukkerij lagen nog voorraden van de 1 RM, 2 RM, 3 RM en 5 RM zonder opdruk in kamtanding 14. Deze voorraden zouden, na van de opdruk te zijn voorzien, zijn gebruikt voor de postzegelhandel.

 

Graz, de hoofdstad van de deelstaat Stiermarken, was zwaar getroffen door luchtbombardementen van de geallieerden. Door de totaal 57 bombardementen die vanaf 13 augustus 1943 plaatsvonden, waren 1.980 doden te betreuren en vielen 2.000 gewonden. In februari en maart 1945 waren de meest vernietigende bombardementen. Daarmee was Graz de zwaarst gebombardeerde stad in Oostenrijk. In totaal werden 7.730 gebouwen zoals kantoren, winkels en fabrieken verwoest, bijna 9.000 woningen vernietigd en meer dan 11.600 huizen beschadigd. Het gebied rond het centraal station was het zwaarst getroffen. In het Stadsarchief van Graz bevindt zich een plattegrond van de stad waarop te zien is waar bommen zijn gevallen. Op 9 mei 1945 reden de eerste Russische tanks het grote plein midden in de stad Graz op. Het openbare leven lag hier vrijwel stil en kwam pas langzaam weer op gang. Tussen 22 mei en 9 juni 1945 werd een serie van 19 waarden uitgegeven die bekend is geworden als de ‘Grazer Lokal-Ausgabe’. Deze serie werd aan de loketten van de postkantoren in Graz en andere postkantoren in de deelstaat verkrijgbaar gesteld. De opdruk voor de zegels van 1 Pfennig tot en met 24 Pfennig werd aangebracht door de ‘Steiermärkische Landesdruckerei’ in Graz-Burg.

 

De uitgiftedatum van de 1, 3, 4, 6, 10 en 12 Pfennig was 22 mei 1945. De uitgiftedatum van de 5, 8, 15 en 20 Pfennig was op 26 mei 1945. Daarna volgden op 2 juni 1945 de 16 Pfennig en op 9 juni de 24 Pfennig. De opdrukvorm van het woord ‘Österreich’ op de afgebeelde postzegel van 8 Pfennig is op de zegel beschadigd, onder andere de trema op de letter O ontbreekt.

 

De zegels van 25 Pfennig tot en met 50 Pfennig werden van een opdruk voorzien door ‘Druckerei Ludwig Kunath, Conrad von Hötzendorf Strasse 6 in Graz,’. De eerste uitgifte was de zegel van 25 Pfennig op 30 mei 1945. Daarna volgden vanaf 1 juni 1945 de waarde van 30 Pfennig tot op 8 juni 1945 de laatste waarde van 80 Pfennig verscheen. Het einde van de geldigheid voor de frankering was bepaald op 2 juli 1945. Ook van deze serie geldt, dat gestempelde exemplaren met een goed leesbare datum, moeilijk verkrijgbaar zijn. Daarom is het noodzakelijk dat gestempelde exemplaren worden gekeurd door erkende keurmeesters op echtheid. De meeste exemplaren zijn op verzoek aan het loket gestempeld en hebben een aanzienlijk lagere verzamelwaarde.

 

De vier hoge waarden van 1 RM tot en met 5 RM werden eveneens van de opdruk voorzien en uitgegeven op 9 juni 1945. De waarden van 1 RM en 2 RM bestaan in twee verschillende tandingen: lijntanding 12½ en kamtanding 14. De zegels werden door twee verschillende drukkerijen van een opdruk voorzien. De eerste drukkerij was ‘Druckerei Karl Birkwald’, Kaiserfeldstrasse 19 te Graz. De opdruk is te herkennen aan de lengte van het woord ‘Österreich’ dat 18½ mm bedraagt en vet overkomt. De waarde van 1 RM in lijntanding 12½ is het zeldzaamst en hiervan bestaan gevaarlijke vervalsingen. De totale oplage van de zegel van 1 RM van deze drukkerij was 160.000 stuks en van de 2 RM totaal 135.000 exemplaren. De waarde van 3 RM alleen in lijntanding 12½ bedroeg 60.000 stuks en van 5 RM 37.000 exemplaren. De tweede drukkerij was ‘Druckerei Ludwig Kunath’, Conrad von Hötzendorf Strasse 6 in Graz. De opdruk is mager en het woord ‘Österreich’ heeft een lengte van 16 mm. De waarden van 1 RM en 2 RM  bestaan alleen in kamtanding 14 en hebben elk een oplage van 15.000 stuks. De waarden van 3 RM en 5 RM bestaan alleen in lijntanding 12½ en hebben eveneens elk een oplage van 15.000 stuks. De zegels waren geldig voor de frankering tot 2 juli 1945. Daarop werd door de Sovjet commandant van Stiermarken bevolen dat alle overgebleven postzegels met afbeelding van Hitler, al dan niet met opdruk, vernietigd moesten worden en dat postzendingen vanaf die datum uitsluitend tegen contante betaling van de frankeerkosten door de postambtenaren mochten worden aangenomen.

Op 20 april 1945 gaven de Sovjets, zonder hun westerse bondgenoten te informeren of te raadplegen, de Oostenrijkse oud Staats- of Bondskanselier Karl Renner opdracht een voorlopige regering te vormen. Zeven dagen later trad het kabinet van Renner aan, riep de onafhankelijkheid van Oostenrijk uit van nazi-Duitsland en riep op tot de oprichting van een democratische staat. Karl Renner was al eerder leider was geweest van kortstondige regeringen in Oostenrijk. In 1938 was hij voorstander van de ‘Anschluss’ geweest maar na de oorlog in 1945 kwam hij de Communisten tegemoet. Renner werd de eerste president van Oostenrijk na de oorlog. Een van de maatregelen die Renner nam was het vervangen van de Duitse postzegels met opdruk. Van 3 juli tot 21 november 1945 werd een lange serie van 23 postzegels uitgegeven in drie formaten maar met dezelfde afbeelding. Deze bestond uit een gekroonde adelaar met in het midden het wapen van Oostenrijk. In de klauwen van de adelaar een sikkel en een hamer en tussen de poten een gebroken ketting. Het ontwerp van de postzegel was van Hans Ranzoni. De serie postzegels wordt de ‘Renner serie’ genoemd. Renner overleed op 31 december 1950 in Wenen.

 

 

Een aantal zegels werd gedrukt in boekdruk en in offsetdruk. Zie hiervoor bijvoorbeeld de website ‘www.briefmarken-forum.com/t5790-1945-wappenzeichnung’. Verder zijn de zegels vaak gedecentraliseerd, wat wil zeggen, dat de afbeeldingen niet altijd even brede witte randen hebben. Een waardeaanduiding in Pfennig ontbreekt.

Naast postzegels werden briefkaarten vervaardigd in de waarden van 5 Pfennig voor bestemmingen binnen de stad Wenen en 6 Pfennig voor bestemmingen buiten Wenen in de Russische zone van Neder Oostenrijk

 

De vier hoge waarden van 1 RM tot en met 5 RM, ook hier ontbreekt Reichsmark, werden als laatste uitgegeven op 21 november 1945. De postzegels waren geldig voor de frankering tot 20 december 1945. Vanaf 24 november 1945  verscheen op verschillende data een serie postzegels met landschappen die geldig waren voor het geheel Oostenrijk.

 

Op 22 juli 1945 werd het door de Sovjet troepen bezette gebied van Stiermarken overgedragen aan de bezettingstroepen van Groot-Brittannië die daarop de postzegels met afbeelding Posthoorn en waarden in Groschen en Schilling in gebruik namen. Op de onderste velrand van de postzegels is de tekst ‘Austria-series 1945’ aangebracht alsmede een plaatnummer. Ze zijn gedrukt op zeer zacht papier en hebben lijntanding 11. Ze zijn ontworpen en aangemaakt door het ‘Bureau of Engraving and Printing’ in Washington D.C. in de Verenigde Staten. De serie van 17 frankeerwaarden was al vanaf 28 juni 1945 in gebruik door de Britse, Franse en Amerikaanse bezettingsmacht in Opper-Oostenrijk, Salzburg, Tirol, Karinthië en Voralberg. Ze mochten niet in de andere door de Sovjettroepen bezette gebieden worden gebruikt.

 

Als afsluiting van de Sovjet uitgiften voor bezet Oostenrijk werd op 10 september 1945 een toeslagzegel uitgegeven in de waarde van 1 (RM) + 10 (RM). De zegels werden door de Oostenrijkse Staatsdrukkerij in Wenen gedrukt in rasterdiepdruk in vellen van 50 stuks. Het ontwerp was van de op 6 september 1896 in Wenen geboren Hans Ranzoni. De afbeelding kreeg de titel mee ‘Terugkeer naar het Alpen thuisland’. Op voorstel van het Weense gemeentebestuur besloot de Raad van Ministers in juni 1945 om een weldadigheidszegel van 1 RM met een tienvoudige toeslag aan 10 RM uit te geven. Dit besluit vereiste dat het directoraat-generaal van de Post- en Telegraafadministratie ten minste 20.000 postzegels moest uitgeven en een netto-opbrengst van ten minste 200.000 RM aan de gemeente Wenen moest overdragen. De postzegel was zo gewild dat de oplage aanvankelijk werd verhoogd tot 58.000 exemplaren die in zijn geheel werd verkocht. De netto opbrengst bedroeg dus 580.000 Reichsmark. Het personeel van de postadministratie had recht op een verkoopkorting van 5% van de toeslag, maar dit werd niet geclaimd vanwege ‘het goede doel’. De postzegelverzamelaars waren het echter niet eens met de hoge toeslag, omdat ze zichzelf bleven beschouwen als ‘melkkoeien’ van het Hitler Cultuurfonds, waaraan ze hoge toeslagen hadden moeten betalen met hun postzegelabonnementen van de afgelopen jaren tijdens de oorlog. Uiteraard waren er echter andere belanghebbenden voor deze postzegel, anders zou het totale aantal verkochte zegels, inclusief een groot deel van de ‘tweede druk’ van 627.000 postzegels, geen 684.822 exemplaren zijn geweest.

 

De ‘tweede druk’ verschilt door dunner papier dat is gebruikt en heeft lichtgele in plaats van donkergele gom. Normaal gesproken moesten de restanten postzegels die op de datum van einde verkoop niet waren verkocht, overgedragen worden aan de gemeente Wenen. Maar grote voorraden vonden na het verstrijken van de geldigheidsduur ook de weg naar speculanten in de postzegelhandel. Dat betekende dat deze postzegels later ver onder hun nominale waarde op de filatelistische markt werden verhandeld. Vele exemplaren zijn op verzoek voorzien van een afdruk van een poststempel, meestal zeer fragmentarisch met een onherleidbare datum zoals bovenstaand voorbeeld. Het einde van de geldigheid voor de frankering van deze zegel was op 10 november 1945.

 

Maar dit was nog niet het einde van het verhaal, want op 15 mei 1955 werd een postzegel van de Sovjet bezettingszone van 2 (RM) herdrukt in de kleur grijs in plaats van donker blauwviolet in een oplage van 2 miljoen stuks. Daarna werden de postzegels voorzien van de tekst ‘Staatsvertrag 1955’ met de boekdrukpers. De frankeerwaarde was 2 Schilling. De Reichsmark kon vanaf 30 november 1945 worden ingewisseld voor Oostenrijkse Schilling. Een Reichsmark had de waarde van een Schilling. Met het op 15 mei 1955 gesloten verdrag met de geallieerden werd Oostenrijk weer een geheel zelfstandig land. Op 19 oktober 1955 verlieten de laatste Sovjet bezettingstroepen het land.

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Historisch Duitsland Oostenrijk Rusland Duitse rijk Tweede wereldoorlog



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (5 stemmen, gemiddeld: 5,00 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Reacties (0)

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)