Hindeloopen bekend om taal, kleding en schilderkunst - Postzegelblog

Hindeloopen bekend om taal, kleding en schilderkunst

1

NVPH 2427 - Spreek je moerstaalOp de streektalen-postzegel Spreek je moerstaal (nvph 2427) staat in de typografische tekst met de letters in klassieke kruissteek-uitvoering: “Spreek je moerstaol, modersproak, memmetaal, Nederland, 0,39, 2006.” De omschrijving van de moedertaal is in het Twents, Limburgs en het Fries opgevoerd. De voor de hand liggende uitdrukking ‘Spreek je moerstaal’ benadrukt het belang en de eigenheid van de streektalen. De ontwerper Anton Beeke liet zijn oog vallen op een borduursel, omdat dat bij uitstek iets is van thuis, van dicht bij huis, net als streektalen. Veel mensen spreken immers het Standaard Nederlands tijdens het werk en de streektaal thuis.

NVPH 2427 - Spreek je moerstaal

Vrijdag 21 februari 2020 is dit jaar de Internationale Moedertaaldag geweest, die bedoeld is om de taalkundige en culturele diversiteit en meertaligheid te vieren. Deze dag wordt sinds 2000 door de Unesco op deze dag gehouden. De Leeuwarder Courant van 21 februari 2020 geeft aandacht aan dit feit door nader in te gaan op de drie streek-dialecten Bildts, Stellingwerfs en Hindeloopers in Friesland.

Op de 12 cent kinderpostzegel (nvph 750) uit 1960 staat een meisje in de klederdracht van Hindeloopen/Hylpen. Zij komt niet alleen met het dialect in aanraking, maar ook met de uitbundige kleurenpracht van de klederdracht en schilderkunst op talrijke gebruiks- en siervoorwerpen.

 De eerste atlassen - Willem Jansz. Blaeu

Bijgaand kaartgedeelte is ontleend aan de historisch geografische kaart, die Willem Jansz Blaeu heeft getekend.

De oorspronkelijk geïsoleerde ligging van Hindeloopen (inwoners waren meer op de zee als het land gericht) heeft door de eeuwen heen ervoor gezorgd dat zich er een eigen inheemse gewoonte- en leefcultuur kon ontwikkelen. Tijdens de bloeiperiode (1650 – 1790) van Hindeloopen is er een geheel van Friesland afwijkende taal, klederdracht en schilderkunst ontstaan.

Hindeloopen in historisch en economisch perspectief

De plaatsnaam zou wel eens kunnen verwijzen naar de sprong (hlop) van het vrouwelijke hert (hinda). De plaats zou dan zijn ontstaan waar de herten paarden.
In 1225 kreeg Hindeloopen stadsrechten. De stad bezat geen haven, maar wel een rede in de Zuiderzee, waardoor het wel een belangrijke handelsplaats kon worden. De Hinderlooper Grootschippers voeren met hun fluitschepen naar de Oostzee-landen en brachten er jenever en wollen stoffen. Op de terugweg vervoerden ze hout naar Amsterdam en de Zaanstreek. De stad bezat toen ruim 80 schepen en telde 1600 inwoners. De bloeitijd van de stad (meer op de zee als op het land gericht) ligt tussen 1650 en 1790. Aan de kapitale 17e en 18e -eeuwse kapiteinswoningen is de rijkdom van de stad nog af te lezen. Tijdens de Napoleontische periode werd de stad arm door handelsbeperkingen en werd de stad steeds meer een vissersplaats.

Hindelooper taal/dialect

Het Hindeloopers onderscheidt zich van alle andere dialecten in Friesland door een bijzonder conservatieve klankleer en woordenschat, die veel van het Oudfries uit de middeleeuwen heeft bewaard. Er zijn veel oude woorden, die in het Fries en Nederlands in onbruik zijn geraakt. Ook zijn er uit Scandinavië woorden opgenomen. Het Hindeloopers werd een geheime ‘thuistaal’ van vrouwen, kinderen en mannen, die niet meer op zee voeren. De behouden, ouderwetse taal hangt samen met de economie van de stad, die geheel op de zeevaart was gericht en weinig of geen contacten onderhield met het achterland. De schepen lagen bij gebrek aan een eigen haven in Amsterdam.

Voor de 16-jarige VHBO-leerlinge Hanna Schram uit Hindeloopen is het gewoonste zaak dat in haar omgeving drie talen door elkaar gebruikt worden namelijk Hindeloopers, Fries en Nederlands. Met veel van haar vriendinnen converseert zij in haar eerste taal al blijkt dat af en toe wel de smalle basis van de taal met enkele honderden sprekers. Hanna ziet haar ‘Hylperse’ opvoeding zelf vooral als een verrijking ten opzichte van Fries- en Nederlandstaligen, omdat ze de drie talen goed beheerst: “Ik haw ek wol in taleknobbel.”
“Thuis spreek ik met mijn moeder (fear) Hindeloopers, evenals met mijn opa (aete) en oma (ame). Op de basisschool heeft juf Tineke Blom mij nog beter Hylpers leren spreken. Juf Blom heeft Nijntje in het Hindeloopers vertaald. De uitspraak ervan is me niet bekend.

NVPH 2370e - Kinderzegel Nijntje

Hindelooper klederdracht

Door de import van VOC-goederen uit Verre Oosten werden via Amsterdam gevarieerde en uitbundig gekleurd katoenen stoffen geïmporteerd voor de vrouw. Voor de klederdracht, die sterk afwijkt van de Friese, werden fleurige katoenen stoffen als sits (met bloemen beschilderd katoen uit India) en Oostindisch bont (geruit katoen uit India) gebruikt. Aan de kleur van de kleding is te zien of de vrouw wel of niet in de rouw verkeert. Ook is er verschil tussen de zondagse dracht en de daagse werkkleding. De dracht van meisjes komt overeen met die van de moeders.

Hindelooper kinderpostzegel

NVPH 750 - Hindeloopen

De nu 65-jarige Janna Marijke Atema is op 5-jarige leeftijd op de 12 cent kinderpostzegel 1960 (nvph 750, met daarop afbeeldingen van meisjes in regionale klederdracht) terecht gekomen, waarbij de nadruk op de hoofdtooi is gelegd. Ze draagt een plat kapsel met de brede ‘zondoek’. Dat is een sterk gesteven, geruite bonte doek, een paars geruit Oostindisch katoen. De zondoek bedekt ten dele het geruite mutsje, waarom een breed geruit lint (lokkesnoer) is gebonden.
Janna Marijke is op voorspraak van haar vader (hij was burgemeester van Hindeloopen) tot de genomineerde van haar woonplaats Hindeloopen gekozen in de traditionele Hindelooper kledij. De kinderzegel is ontworpen door mej. A.J.W. Bieruma Oosting.

De officiële eerste verkoop van de kinderpostzegels 1960 vond op 14 november 1960 plaats in het Zuiderzee-museum in Medemblik. Met een postkoets met vier paarden ervoor zijn ze naar het museum vervoerd. Janna Marijke in de Hylper klederdracht gestoken verkocht ‘haar’ postzegel (met hulp van haar moeder ook in klederdracht) vanachter een loket van een van de vijf huisjes, die in het museum waren opgesteld.

Hindelooper schilderkunst

AnonymousUnknown author/ Public domain

Kenmerkend voor de Hindelooper decoratieve volkskunst is gebruik van de achtergrondkleuren rood, blauw, wit en groen, waarop met contrastkleuren op een losse, levendige en vlotte wijze bloemen (tulp, roos), bladeren (acanthusblad) en vogels (omgeven door zwierige ranken) werden gepenseeld. De motieven zijn ontleend aan de statenbijbel, prentenboeken, Chinees porselein en/of sitsen (katoenen stoffen uit India), aangevoerd door de Verenigde Oostindische Compagnie. Vrouwen die de zeelieden uitzwaaiden of verwelkomden, zagen de Oosterse producten in Amsterdam, die schilders inspireerden deze motieven over te nemen. Talrijke gebruiks- en siervoorwerpen als stoelen, kasten, klaptafels, potten en vazen zijn van deze schilderingen voorzien.

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Nederland Nederland Kinderpostzegels Klederdracht Schilderkunst



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (7 stemmen, gemiddeld: 3,86 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Bate Hylkema schrijft vanaf 1980 artikelen over filatelie en woont in het Friese Beetsterzwaag.

Reacties (1)

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)