Ik spaar de hele wereld - Postzegelblog

Ik spaar de hele wereld

0

kopje1Ter gelegenheid van ‘100 jaar georganiseerde filatelie’ geeft de PTT in 1984 de z.g. ‘Filacentozegels’ uit. Op de 70+30 cent zien we een foto uit 1949, gemaakt tijdens een bijeenkomst van een vereniging van postzegelverzamelaars: een man bladert in een postzegelalbum, drie anderen kijken over zijn schouder mee, een vijfde heer bekijkt een ¬boekje waaruit zegels kunnen worden gekocht en een zesde is met een loep in de weer. Zes mannen, geen vrouw…!

Die foto is nu 64 jaar oud, maar de samenstelling van het gezelschap lijkt nog steeds verdacht veel op het bestuur van mijn eigen postzegelvereniging! Waarom lijkt die verzamelwoede bij mannen toch zoveel sterker te zijn dan bij vrouwen? Boudewijn Büch had, voor zover ik weet, geen vrouwelijke pendant.
‘POSTZEGELVERZAMELAAR UITSTERVEND RAS’ luidde onlangs de kop in chocoladeletters in de krant. “Ik voel me anders nog kiplekker,” denk ik, terwijl ik lees: “Het aantal postzegelverzamelaars in Nederland neemt ‘schrikbarend’ af. In plaats van op postzegels stort de verzamelaar anno nu zich liever op aardewerk potten, kotszakjes(?), baseballpetten en telefoonkaarten”. Ik moet even denken aan een collega bestuurslid van onze vereniging die, behalve postzegels, ook alles verzamelt wat los of vast zit, van schelpen tot stallantaarns. Hij kreeg onlangs voor zijn verjaardag van zijn vrouw een boekje met de veelzeggende titel: ‘Weg met die troep!’ “De moderne verzamelaars zorgen voor een nieuwe trend. Voor potten, vazen en serviezen worden ongelooflijke bedragen neergeteld. ‘Voor al het Friese aardewerk is zeer in trek…!”, besluit het artikel. Dat het verzamelen van plaatjes wordt veroorzaakt door een primitief jachtinstinct en dus typisch iets voor mannen is, wordt bij een fotograaf nog wat duidelijker. Hij schiet zijn plaatjes. Sommigen gebruiken daarvoor zelfs een revolver(!)camera, waarmee snel enkele prooien achter elkaar kunnen worden geschoten.
Verzamelen gebeurt dikwijls met een grenzeloos fanatisme; het woord ‘verzamelwoede’ spreekt wat dat betreft voor zich. De liefde die de verzamelaar koestert voor zijn verzameling is enigszins vergelijkbaar met de liefde die sommigen hebben voor hun huisdieren. De echte verzamelaar is met zijn verzameling verknocht en hij vereenzelvigt zich er mee. Men zegt dat hondenliefhebbers in de loop van de tijd steeds meer op hun hond gaan lijken. Dat zal wel niet waar zijn, maar misschien is het zo, dat de hondenbezitter een hond kiest die al een beetje op hem of haar lijkt. Mensen houden van dieren die iets van hen zelf weg hebben. Een papegaai is leuk, want hij kan praten. Een beer ook, omdat hij op zijn achterpoten kan staan, net als een pinguïn trouwens. Als je nogal eigenwijs bent, zoals ik, dan houd je van katten en waarom de kijkers niet weg te slaan zijn bij het apenhok, heeft al helemaal geen uitleg nodig…

Mammillaria bocasana Bolivia
‘Zou je het karakter van een filatelist ook kunnen afleiden uit zijn verzameling?’, vraag ik me af. Vooral bij motiefverzamelaars moet dat mogelijk zijn. Iedere postzegelverzamelaar heeft, naast de filatelie, nog wel een andere hobby en die tweede hobby wordt dikwijls het thema van zijn eerste hobby. Uit het motief van zijn verzameling valt dan vast wel weer iets af te leiden over de persoonlijkheid van de bezitter. Een van de belangrijkste steunpilaren van onze vereniging is een zeer nauwgezet mens. Niemand vervult zijn taak met meer stiptheid dan hij, maar met kritiek op zijn functioneren, gaat hij nogal moeilijk om.
Dan toont hij zich lichtgeraakt en kan zelfs met zijn portefeuille beginnen te rammelen. Gelukkig wordt die soep nooit zo heet gegeten als hij hem opdient. Op een bepaald moment vraag ik hem of hij ook een motiefverzameling heeft. ‘Jazeker, cactussen.’ Raak…! Als ik bij hem thuis kom om daar eens wat van te zien, toont hij me eerst een kamer die hij speciaal heeft ingericht voor het echte werk.
Een apart vertrek voor de cactussen. Kinderen de deur uit, cactussen er in. Geen probleem. Een ander bestuurslid, bij wie je het conducteursfluitje, bij wijze van spreken, al om zijn nek ziet hangen, blijkt treinen te sparen. Waarschijnlijk vult de spoorbaan uit zijn jeugd nog steeds de hele zolder. Weer een andere goede postzegel-collega heeft een sterk nostalgische inslag. De uitdrukkingen die hij gebruikt stammen voornamelijk ‘uit het jaar kruik’, zoals hij dat zelf zou zeggen. Als ik bij hem thuis een fotoalbum bekijk, blijkt dat te beginnen in 1905. “Zo, dat is oud”, meen ik, maar dat is hij helemaal niet me eens. “Mijn postzegels zijn allemaal ouder. Ik verzamel uitsluitend zegels die meer dan honderd jaar oud zijn en daar komt dus, net als bij jou, elk jaar een jaartje bij,” zegt hij triomfantelijk. Hij heeft ieder jaar zo zijn eigen honderdjarige ‘nieuwtjes’.
Zelf bezit ik nogal wat themaverzamelingen (filmsterren, katten, schaken etc.), maar eigenlijk is mijn ‘tweede’ hobby toch het leven zelf en dus spaar ik gewoon ‘De Hele Wereld…!’

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (2 stemmen, gemiddeld: 4,50 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Hans van Muiswinkel is voorzitter van de Vereniging van Postzegelverzamelaars “Delft”. In het maandelijkse orgaan ‘Filadelfia’ dat die vereniging uitgeeft, is een krappe ruimte beschikbaar voor een column, waarin hij zo’n 250 woorden kwijt kan. Die cursiefjes gaan over van alles en nog wat als het maar, zijdelings of rechtstreeks, met de filatelie te maken heeft.

Reacties (0)

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)