Toegevoegde [meer]waarde van visuele info bij postzegelafbeeldingen als deel van groter geheel - Postzegelblog

Toegevoegde [meer]waarde van visuele info bij postzegelafbeeldingen als deel van groter geheel

3

Dat woorden een aanvullende en toevoegende functie bij illustraties bezitten, is bekend. Dat foto’s dat bij postzegelafbeeldingen ook in sterke mate kunnen doen, wil ik in bijgaand artikel het oog op richten. Een minimale postzegelafbeelding (als deel van een groter geheel) kan met een externe aanvulling als van een foto, maximumkaart, voorontwerpschets of cover van het maandblad Filatelie (?) een meer omvattende betekenis en uitstraling ontvangen. De toegevoegde [meer]waarde van een postzegelafbeelding wordt er (danig) mee vergroot.

Bovendien zorgt de externe aanvulling voor dé integratie van de inhoudelijke boodschap van de postzegel in onze samenleving. Jammer genoeg is in de filatelistische pers er weinig of geen aandacht aan besteed!

Minimale postzegelafbeelding kan ook als ‘postzegelbeeld-beperkende-afbeelding’ omschreven worden. Deze aanduiding vormt daarmee het tegengestelde van ‘postzegelbeeld-overschrijdende-afbeelding’ (interne beeldaanvulling door samenhangende postzegels).

1. Beelduitbreidende functie van foto’s

Een treffend voorbeeld daarvan vormt de 7e postzegelafbeelding van het vel ‘Koninklijke familie I (nvph 2239). Vier leden van het koninklijke gezin ‘begeleiden’ de vissende prins Willem-Alexander bij de vijver in de tuin van kasteel Drakenstein in 1975.

Bijgaande foto toont dezelfde ‘activiteiten’, die of even later, of even eerder zijn gefotografeerd. Beide afbeeldingen plaatsen het ‘gebeuren’ in een breder, ruimer en meer omvattend perspectief (filmisch totaal-gebeuren) qua tijd en ruimte. De foto toont een meer passieve situatie van de deelnemers, terwijl de postzegel een meer actieve betrokkenheid bij de visser laten zien. Ook geografisch vindt er uitbreiding plaats. Het blijkt nu dat we niet met de slootkant van een weiland hebben te maken, maar met een vijver in een parklandschap.

Ook de laatste postzegelafbeelding van hetzelfde vel, voorbereiding van de tentoonstelling ‘De voorstelling Nederlandse kunst in het stedelijk paleis’ in het Stedelijk Museum in 2000 (nvph 2242), ontvangt door de foto een forse uitbreiding, zowel in tijd als in plaats. Door de afbeeldingen van postzegel en foto ontstaat een meer levensecht én invoelbaar gebeuren. De inrichting van de expositie is niet een onemanshow van de gastconservator Beatrix, maar een samenwerkingsverband van Beatrix en museumdirecteur Rudy Fuchs. In opperste concentratie worden soms zwijgzaam, soms communicerend (met koffie) weloverwogen beslissingen genomen waar welke schilderijen, in welke volgorde, op welke hoogte en in combinatie met andere werken moeten hangen. Op beide afbeeldingen staan dezelfde schilderijen, maar in een andere volgorde.

2. Beelduitbreidende functie van voorontwerpen

Deze beelduitbreidende functie van een postzegelafbeelding kan ook in voorontwerpfoto’s en/of voorontwerpschetsen gevonden worden. Daarvoor is op www.postzegelontwerpen.nl van het Museum voor Communicatie ontzaglijk veel beeldmateriaal te vinden. Met deze voorontwerpen ervaart men op welke manier tijdens het ontwerpproces (zwangerschapperiode van de postzegel met afwijzingen , veranderingen en/of bijstellingen) de uiteindelijke postzegel tot stand is gekomen.

De beelduitbreidende functie van voorontwerpen, die aan de uiteindelijke postzegelafbeelding voorafgaat, kan een beter zicht op het uiteindelijke resultaat van de postzegelafbeelding geven.

Prins Willem-Alexander in de rol van schaaphoeder en tennisser heeft het uiteindelijk als postzegelafbeelding niet gehaald, zelfs niet met een detailfoto.

Johan Friso, Constantijn en Willem-Alexander zijn uiteindelijk in iets andere opstelling toch met een klein deel van de trampoline op de postzegel terecht gekomen.

Een fragment van deze door prins Claus gemaakte foto van prins Constantijn is tenslotte op de 35 cent postzegel (nvph 1022) geplaatst. De tweedeling gekleurd fond achter Johan Friso en wit fond achter het tekstgedeelte is tóch afgekeurd.

3. Beelduitbreidende functie van maximumkaarten

Met de laatste emissie MooiNL 2013, waarbij het accent vooral ligt op het hoofddeksel van een in klederdracht geklede vrouw, is niet meer sprake van landschapschoon en/of stedelijk schoon (zoals gebruikelijk was in de periode 2005 – 2012). De betiteling ‘MooiNL’ is uitgehold, is niet meer dekkend. Een minimaal onderdeel van de klederdracht staat geïsoleerd op de voorgrond.

De geïsoleerde afbeelding van een opvallend en karakteristiek ‘streekdracht-hoofddeksel’ krijgt pas functie als het ook gedragen wordt door een in klederdracht geklede vrouw. Beide maximumkaarten geven als ‘visuele informanten’ aan het ‘deel’ een praktische én inzichtelijke functie in het grote ‘geheel’. De combinatie ‘postzegel – maximumkaart’ verhoogt de meerwaarde van de postzegelafbeelding in sterke mate.

Een geheel andere aanvulling geeft een maximumkaart aan een typografisch uitgevoerde Werkman-postzegel (nvph1631) van het zeven strofen lange gedicht ‘Priere pour nous autres charnels’(Bid ook voor ons stervelingen) van luitenant Charles Peguy, die in 1914 aan de Marne sneuvelde. Alle strofen bevatten de woorden “Heureux ceux qui sont morts”, die Werkman met houten biljetletters op een voor hem kenmerkende manier gedeeltelijk afdrukte op de omslag. Meer beeldend dan leesbaar.


De in zijn bestaan bedreigde blauwe kiekendief (nvph 1650) komt als vogel toch meer werkelijkheidsgetrouw en kenmerkend over op del totaal afbeelding (kleurenfoto).

4. Ook beelduitbreidende functie van maandblad Filatelie?

Zal de nieuwe koers, die het maandblad Filatelie (onder leiding van de nieuwe hoofdredacteur René Hillesum) met het ‘Kroningsnummer’ hopelijk is ingeslagen, voortaan ook een beelduitbreidende functie aan een postzegelafbeelding geven?

Niet alleen de cover van de aprileditie geeft met een drukproef visuele informatie over een Nederlandse postzegel, de Inhuldigingspostzegel 1980 (nvph 1200), maar ook een keur van lezenswaardig en filatelistisch gevarieerde artikelen over Nederlands getinte onderwerpen als:

  • Posthoorn geeft een postzegelcollage: Dag koningin Beatrix en Leve koning Willem-Alexander en koningin Maxima (2 bladzijden).
  • Frankeren met guldenzegels stopt (2½ bladzijden).
  • ‘Oranje’ drukt zijn stempel (5 bladzijden).
  • Hoe Beatrix verdween van het postwaardestuk (2 bladzijden).
  • Beatrix in de West (4 bladzijden).
  • Ontwerpen voor de koning in Museum voor Communicatie (½ bladzijde).
  • Koningin Beatrixpostzegels, gebruikt op Nederlandse ‘Direct Mail’ (4 bladzijden)
  • Thematisch panorama: koning Willem-Alexander (2 bladzijden).

De cover van het kroningsthemanummer van Filatelie verrast de abonnees op een instructieve drukproef met kleurstalen en aanwijzingen over kleine veranderingen in het ontwerp voor de Inhuldigingspostzegel van 1980 (nvph 1200) van de koningin Beatrix Collectie van het Museum voor Communicatie in Den Haag. Deze toch informatief rijke beelduitbreidende illustratie van een postzegelontwerp maakt dat met eeng verrijkte blik naar de Inhuldigingspostzegel kan worden gekeken.

Opmerkingen van enkele lezers die mij kort geleden ter ore kwamen, kunnen de tekens van verandering bijzonder waarderen: “Ik heb in jaren nog nooit zo lang aaneen in het blad zitten lezen als met dit aprilnummer. Naderhand heb ik zelfs nog enkele artikelonderdelen eens nader onder de loep genomen. Écht Nederlandse kost. ’t Smaakt naar meer, naar veel meer! Nederlandse onderwerpen we[o]rden (?) er stiefmoederlijk behandeld.”

Jaren aaneen kenmerkte het maandblad Filatelie zich door ‘oog-hebben-voor-het-daar-en-toen’ en helaas niet ‘oog-hebben-voor-het-hier-en-nu’! Vrij vertaald en minder gecomprimeerd gesteld betekent:

  • ‘Oog-hebben-voor-het-daar-en-toen’: vooral aandacht geven aan postzegels van verafgelegen landen, steeds in historisch perspectief gezien. Deze ‘aandacht’ bestond feitelijk steeds uit inventariseren en registreren en bepaald niet uit inhoudelijk informeren. ’t Is een bijzonder oppervlakkige benadering met weinig diepgang.
  • ‘Oog-hebben-voor-het-hier-en-nu’: actuele Nederlandse postzegelemissies vanuit een invalshoek van het causale verband van oorzaak en gevolg benaderen én met eerder uitgegeven Nederlandse postzegels op een relationele manier verbinden.

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Historisch Thematisch Nederland Nederland



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (Breng als eerste je stem uit.)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Bate Hylkema schrijft vanaf 1980 artikelen over filatelie en woont in het Friese Beetsterzwaag.

Reacties (3) Schrijf een reactie

  • hennepnetel op 21 april 2013 om 13:09

    “het causale verband van oorzaak en gevolg”

    Hebben we nog een ander verband????

    Krijgen we daar missschien eens een “beelduitbreidende functie” bij???

    Met veel plaatjes!

  • Franc Rossi op 21 april 2013 om 14:42

    Bate, Écht Nederlandse kost. ’t Smaakt naar meer. Veel meer! Nederlandse onderwerpen etc. Ik vind dat prima voor dit aprilnummer. Het zou op z’n minst raar zijn geen aandacht aan de Kroning, pardon inhuldiging, te schenken. Maar ik vraag me wel af wat de doelgroep is van het blad “Filatelie”. Ik neem dat men zich niet alleen wil richten op de traditionele Nederland verzamelaar.

  • hennepnetel op 21 april 2013 om 19:52

    Franc,

    je hebt toch wel eens eerder Filatelie gelezen??

    Eenheid in verscheidenheid!

    Voor elk wat wils! Alleen misschien niet zo zeer voor Bate ;)

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)