Lucratief verzamelen? - Postzegelblog

Lucratief verzamelen?

14

Winst met postzegels? Bedenk wel dat er vele filatelisten zijn die hun verzameling gebruiken als studiemateriaal en tijdverdrijf en zich om de waardeontwikkeling niet bekommeren. Voor deze benijdenswaardige mensen is dit artikeltje niet geschreven. Dit gaat over poen en zegels.

Natuurlijk kun je winst maken met postzegels. Er is in ons land immers een aantal postzegelhandelaars, velen met eigen winkel. Zolang die er zijn,  weet je zeker dat postzegelhandel winstgevend mogelijk is. Hoe doen ze dat dan? Wel, ik denk door ‘en gros’ in te kopen (een hele verzameling in één koop) en dan ‘en detail’  te verkopen: per stuk of per serie.

‘En gros’ en ‘en detail’

En hoe doet de klagende filatelist het? Precies omgekeerd. Hij/zij koopt ‘en detail’ in, jaar in jaar uit zegeltje na zegeltje, serie na serie. En eens wordt het postzegels verzamelen beëindigd. Bijvoorbeeld omdat de filatelist is overleden. Wat gebeurt: de verzameling wordt ‘en gros’, dus in haar geheel in één keer verkocht. Lijkt me logisch dat de opbrengst een schijntje is vergeleken met wat er tijdens vele jaren is geïnvesteerd.

De kudde: nieuwtjes, FDC’s, thema’s

De opbrengst is vaak ook een schijntje denk ik, omdat de doorsnee verzamelaar de kudde volgt en zo de verkeerde postzegels spaart. Verkeerd met het oog op waardevastheid. Bijvoorbeeld Nederland postfris van na 1945, of 1960. Fout, fout. De oudere postzegels vindt hij/zij veel te duur, zodoende. Wel, met Nederlandse naoorlogse postfrisse postzegels kan men grachten dempen, het aanbod is enorm. De meeste handelaars geven er dus niets voor, of een heel dun prijsje om de klant te vriend te houden. Postzegels uit dubbeltjesboeken hebben in de handel evenmin waarde, incomplete series idem. En als klap op de vuurpijl: gezien de ervaring, kan men (op een paar nummers na) op FDC’s en maximumkaarten ook alleen maar geld verliezen.

Dan zijn er nog de thema’s die worden verzameld. Vlindertjes, Rode Kruis, bloemetjes, schepen, locomotieven op de zegel afgebeeld. Leuk, maar van een themaverzameling  weet je bijna zeker dat die aan het eind van de rit zowat onverkoopbaar is. De handel kan er niks mee, behalve dan als gehele verzameling doorverkopen, en misschien lukt dat niet. Handen af dus. Er zijn maar een paar uitzonderingen die de regel bevestigen, bijvoorbeeld thema ‘Europa’, maar dat is de waan van de dag.

En wat hierboven staat, had elke postzegelverzamelaar kunnen weten.

Wat houdt zijn waarde?

Wat heeft dan wel waarde voor de handelaar?  Waarde hebben die zaken die hij/zij vlot kan verkopen.  Dat zijn bijvoorbeeld nette landenverzamelingen waarin de dure oudjes goed aanwezig zijn, of specialistische, redelijk complete collecties, b.v. kleinrond- of puntstempels, en natuurlijk losse topnummers of betere series, bijna altijd van vóór 1945.

Investeren en de veiling

Investeren in postzegels heeft slechts zijdelings met verzamelen te maken. Een doorsnee investeerder verzamelt niet.  Hij/zij koopt een paar topstukken als belegging, die gaan de brandkast of bankkluis in. Topstukken, dat zijn de postzegels en stukken als afgebeeld op advertenties  en catalogusillustraties voor internationale veilingen. Wacht u voor vocht, schimmel en bacteriën. De toppers moeten heel lang worden bewaard, want zowel inkoop als verkoop gaan gewoonlijk via een veiling.

Veilingkosten zijn dezelfde als bij antiek- en muntenveilingen, dus fors. Iets wordt bij opbod geveild voor 100 euro. Helaas krijgt verkoper niet meer dan 80 euro, en moet de koper 120 euro betalen. Het verschil van 40 euro is BTW + inkomsten voor de veilinghouder, die immers hoge kosten heeft. Dus voordat je als belegger dat verschil er uit hebt, zijn we vele jaren verder, en dan maar hopen dat de catalogusprijs in die tijd flink is gestegen. Onderdehands verkopen aan een andere belegger of handelaar brengt mogelijk meer op in kortere tijd, maar die kopers moet je wel eerst vinden, en een taxateur moet je betalen.

Sommige mensen investeren in eigen werk. Voor een dun prijsje een ‘partij’ postzegels kopen, en daarvan een of meer fraai opgezette verzamelingen maken. De computer biedt een helpende hand.  Dat zou al binnen een jaar winstgevend kunnen zijn, of niet natuurlijk.

Voor de belegger: NVPH nrs 129-131 pfr, nr 127A pfr  (NP Veiling okt 2011)

Wat Tante Pos doet is onbelangrijk

Het klinkt vreemd, maar wat Tante Pos in dit land doet of laat, heeft m.i. niets met uw verzameling te maken. Zelfs als de papieren post er helemaal mee stopt, is dat voor een geharde filatelist geen punt. Gaat alles straks per pakketdienst en e-mail, so what, u verzamelt postzegels gewoon door (Tip: verzamel dan ook poststukken, die zijn ooit uitgestorven). Er zijn bosjes mensen die antiek, oude meesters, en andere dingen van eergisteren verzamelen. Die hoor je ook niet klagen dat hun spullen niet meer worden gemaakt. Er wordt wat afverzameld. Mensen die ik ken sparen Romeinse gouden munten, Willemienmunten, 18e-eeuwse Perzische bidkleedjes, aanstekers, oldtimers, camera’s, buizenradio’s, 17e-eeuwse boeken, antieke landkaarten, horloges, affiches, modeltreintjes, vulpennen, orchideeën, fietsplaatjes, muziekdoosjes, vingerhoedjes.  Je kan het zo gek niet bedenken. U en ik sparen postzegels. Ieder diertje zijn pleziertje, en wie weet is het nog lucratief ook.

In ‘en gros’ en uit ‘en gros’.

Zij die meerdere landen sparen, hebben de meeste daarvan ooit als verzameling op een veiling  gekocht, hoe moet je er anders aankomen. Achteraf betekent dit een goede kans  om die ooit met winst van de hand te doen, zij is immers ‘en gros’ voor een zacht prijsje gekocht. Verkoop wel vele jaren later, gezien de prijsstijging die u nodig heeft om de veilingkosten er uit te halen.

In eigen land zijn de prijzen het hoogst, maar je kan hier relatief goedkoop topstukken en verzamelingen van andere landen zoals Polen, Oostenrijk, Zwitserland, Hongarije, India, USA  enzovoort aanschaffen. In het vliegtuig maakte ik eens kennis met een handelaar.  Hij vloog enige keren per jaar naar Toronto in Canada, en verkocht daar met mooie winst zijn in Europa gekochte verzamelingen Canada en USA. Dat was zijn beroep. Het prijsverschil tussen verschillende markten kan dus fors zijn.

Topstukken

Tja, topstukken. Die moeten worden gekocht, of geruild tegen andere topstukken of een stuk verzameling. Niets aan te doen. Hier natuurlijk opletten wat je betaalt en wat je krijgt. Kwaliteit, kwaliteit… desnoods een geld kostend certificaat van echtheid. Wie een verzameling ter verkoop aanbiedt, weet dat de bladerende klant – meestal een handelaar – eerst kijkt of er topstukken aanwezig zijn. Zo niet, dan zal de rest wel niet veel soeps wezen: een laag bod of geen interesse.

De mode: onvoorspelbaar

Dan is er de mode. China en India zijn nu gewild, waarom? We weten het niet. Mogelijk is de rijke bovenklasse daar nu genegen postzegels van eigen land te gaan sparen, of Aziatische speculanten met diepe zakken hebben zich op postzegels gestort, wie weet. Vele jaren waren verzamelingen en series China en India aan de straatstenen niet kwijt te raken, en dat geldt nog steeds voor andere Aziatische landen.

Tot voor kort gewilde landen zitten nu in het slop. Daar zitten diverse West-Europese landen bij, want de economie kwakkelt. Afgesloten verzamelgebieden doen het vanouds bijna altijd matig: Memel, Ned.  Nieuw Guinea, Ned. Indië, Danzig, Saargebied. Eigenlijk vreemd want postaal zijn daar interessante zaken te ontdekken.

Dan heb je de keus tussen postfris, ongebruikt met plakker, en gestempeld. Gestempeld Nederland van na de oorlog wordt nauwelijks verzameld, dus lage catalogusprijzen hoewel het spul bepaald schaarser is dan postfris/ongebruikt.
In de NVPH catalogus zien we voor Nederland tot 1940 drie prijskolommen: postfris, ongebruikt  met nette plakker, gestempeld. Na 1940 twee kolommen: postfris en gestempeld. Conclusie: vanaf 1940 is ongebruikt met plakker niet meer gecatalogiseerd, dus moeilijker verkoopbaar. Teken van de grotere invloed van de belegger, en van de typisch Nederlandse postfris fobie.    Zo maak je van nagommen een bloeiende bedrijfstak. Postfrisse NL zegels van vóór 1940 zijn van nature prijzig door gering aanbod en grote vraag.  Wel vervelend voor hen die een prachtig ogende NL collectie hebben, helaas alle zegels 1940-1975 ongebruikt met plakker.  Ben benieuwd wat de handelaar daarvoor over heeft.  Na 1975 zijn de plakkers uitgestorven.

Uit de tijd? Had je gedacht!

Tenslotte zeggen zwartkijkers: postzegels verzamelen raakt uit de tijd, het aantal verzamelaars daalt. Ik zeg: het aantal mensen neemt af dat Nederland postfris spaart vanaf 1945 of 1960, of dat bloemetjes en autootjes op postzegel spaart. Zij die dat doen, worden ouder, en jongeren hebben andere bezigheden. Het aantal mensen dat ‘oud’ Nederland spaart (of ‘oud’ van andere landen) inclusief beleggers, neemt echter helemaal niet af. Dat neemt zelfs toe, getuige de vraag naar, en de stijgende prijzen van, topstukken op de veiling. Voor andere landen dezelfde trend. Het klootjesvolk trekt weg, de grote spelers blijven. En landgenoten die probleemloos 20.000 euro of meer voor een nieuwe auto neerleggen, zouden zich makkelijk bij de grote spelers kunnen aansluiten. Een beetje postzegelkavel voor 2500 euro moet voor hun liefhebberij toch kunnen. Kijk eens aan, Nederland in een klap half compleet, of portzegel P2 postfris en goed gecentreerd.

Koopje vergeleken met bijvoorbeeld pop-art van de Amerikaan Andy Warhol (1928-87), nu zeer gevraagd.  Zijn grootformaat zwart-wit afbeelding op canvas van een Coca Cola fles is bij Sotheby net afgehamerd voor …35 miljoen dollar.  Dat is vier keer zoveel als de opbrengst van een doorsnee Rembrandt. Mogelijk heeft een eerste eigenaar er in 1964 1500 dollar voor betaald.  A yellow submarine….  yeah yeah yeah.

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Nederland



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (8 stemmen, gemiddeld: 4,50 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Philip Levert van Postzegelvereniging Haarlemmermeer schrijft verhalen over postzegels waarin de geschiedenis en de reizen die hij gemaakt heeft een grote rol spelen.

Reacties (14) Schrijf een reactie

  • Jan1964 op 3 januari 2012 om 08:14

    Tot voor kort gewilde landen zitten nu in het slop. Daar zitten diverse West-Europese landen bij, want de economie kwakkelt.
    =======
    Welke West-Europese landen ?

  • spaarpostzegel op 3 januari 2012 om 12:11

    @Ach ja leuk inspirerend artikel over postzegels verzamelen ,het gaat over de opbrengst na jaren lang plezier gehad te hebben van je verzameling Leuk om te weten dat je het helemaal verkeerd hebt gedaan want ja geld verliezen dat wil niemand en dan die handelaar die zijn zakken vult tenkoste van de verzamelaar die het totaal verkeerd deed. En zeker zullen er zijn die er wat aan overhouden maar wat is daar mis mee .Er zijn vele handelaren die met enorme voorraden zitten gekocht van die zielige verzamelaar die ze voor weinig geld van de hand deden .Die zelfde handelaar heeft de verzamelaar van zijn verzameling afgeholpen en alleen de handelaar die direkt door verkocht zou de winst gepakt kunnen hebben .Ik ken echter ook handelaren die met winkels vol z.g laag ingekochte voorraden zitten en deze dus ook aan de straatstenen niet kwijt kunnen . De oorzaak is o zo simpel vergrijsing en andere interesse van de jeugd ipod,iphone,internet etc zijn belangrijk, postzegels verzamelen gaat aan deze generatie voorbij ,in een bepaalde leeftijdsgroep 4/.12 jaar is men nog geneigd om voetbal plaatjes te verzamelen ,ik heb in eerder bijdrage dan ook aangegeven dat wil je de jeugd inspireren je de voetbalplaatjes op postzegels moet afdrukken en via een grootgrutter op de markt brengen .Dat de prijzen van topstukken stijgen hebben we te danken aan mensen die met hun euro,s geen raad weten en die een ander weet af te houden van een aankoop ,en het winnen met de meerder euro,s die ze kunnen neerleggen .Heeft niets maar dan ook niet met filatelie van doen maar gebaseerd op hebzucht en machtsvertoon. Het artikel doet vermoeden dat de heer Levert helderziend is het is alleen jammer dat hij nu met zo,n verhaal komt ..en ons niet eerder waarschuwde en ons behoede van een grote misstap in de wereld van de filatelie .Laat ons nu maar autootjes en vlindertjes verzamelen en trots zijn op onze verzameling paddestoelen en fietsen en dat mag een paar euro,s kosten .Wat het later opbrengt is vaak alleen voor nabestaanden een punt want de echte verzamelaar verkoopt nooit zijn troetelkind .

  • aadb op 3 januari 2012 om 15:28

    @ Vervolg: Geschreven wordt over kudde gedrag ,ik lees dat de schrijver lid is van een postzegel vereniging ik wil er dan vanuit gaan dat de leden van deze club volop in de puntstempels en oude lastige zegels van een willigkeurig land zitten ,uitgaande dat de schrijver in het verenigings blad er op blijft hameren dat men verkeerd bezig is . Ook zal de gene die in de jaren na de oorlog de zegels voor nominaal kocht aan het postkantoor zijn oren/ogen bij het lezen van dit artikel niet geloven echter hij heeft behoorlijk wat verdiend aan de zegeltjes die hij als verzamelaar extra kocht .Neem een Rembrandt serie uit 1956 aankoop 0,73 cent nu 0,33 euro cent hoezo verlies of een europa 1956 aankoop 0,35 =0,16 euro of een eerste dag envelop bijvoorbeeld de eerste 10 nummers onbeschreven vette zeer vette winst zelfs in beschreven toestand Schrijver steld zelfs dat het niet uitmaakt of tante post stopt met het uitgeven van postzegels want papieren post is eigenlijk achterhaald .Ook al zal de papieren post verdwijnen dan nog zijn er de papieren pakketpostzegels / poststickers die verzamelwaardig zijn het zijn tenslotte allemaal postzegels om post mee te verzenden .. Ik geef schrijver mee dat ik en vele met mij niet verzamelen voor de handel/erfgenamen maar voornamelijk aan het plezier dat ik daar aan beleef . Als lid van een postzegel vereniging kan je ook propaganda maken om het verzamelen van [postzegels te bevorderen ik krijg in ieder geval met dit artikel niet de indruk dat dit zo is .Het artikel had een beter in het FD geplaats kunnen worden .Het wachten is op de eerste persoonlijke van de postzegelvereniging haarlemmermeer om de filatelie te promoten .

  • Paul van Beek op 3 januari 2012 om 15:30

    35 miljoen dollar voor een Warhol!
    Om de verhoudingen te visualiseren: voor dit bedrag kun je -alleen in theorie!- gedurende ongeveer twee jaar ALLE postzegels kopen, die op Nederlandse veilingen worden aangeboden.
    Dan heb je heel wat in huis, als het er tenminste nog in past!

    Zodra postzegels een statussymbool worden, zoals nu in China het geval is, dan gaan de prijzen stijgen. Als de lift eenmaal omhoog gaat, stijgt het snob-appeal en de belangstelling van niet-filatelisten, die een graantje willen meepikken, vanzelf: op iedere etage stappen er weer vele nieuwe mensen in.(Vergelijk de sitatie in Nederland van 1970 tot 1980)
    Of de verzamelaar zonder winstoogmerk hier blij mee is? Waarschijnlijk niet. 20.000 euro voor een Mei Lanfang-blokje uit 1964? Voor een tiende van dat bedrag kan je van menig land een prachtige collectie opbouwen!
    De verzamelaar, die letterlijk en figuurlijk waar voor zijn geld wil -want wat valt er te postzegelen met één blokje?- kan zich beter richten op de gebieden, die minder in trek zijn en veel worden aangeboden. Zo kan hij met hetzelfde budget een veel mooiere en interessantere collectie opbouwen. Daarnaast heeft hij, ook al interesseert dit aspect hem minder, toch een kans dat ‘zijn gebied’ ook ooit in de lift komt.

    @Philip Levert
    Leuk, analytisch stuk, dat ongetwijfeld de nodig stof tot discussie oplevert. Ik denk dat de investeerder pur sang (het woord belegger neem ik bewust niet in de mond) in Nederland bijna niet (meer) voorkomt.
    Affiniteit blijft ook bij een commerciële(re) benadering van de filatelie een eerste vereiste om tot een bevredigend resultaat te komen.

  • Paul van Beek op 3 januari 2012 om 15:32

    Herstel: Mei Lanfangblokje is uit 1962!

  • Paul van Beek op 3 januari 2012 om 17:59

    @Philip Levert
    Nadere beschouwing van het artikel roept een vraag op over het volgende citaat hieruit:

    ‘Het klootjesvolk trekt weg, de grote spelers blijven.’

    (Van Dale over klootjesvolk: achterbuurtvolk,gering volk, armoedzaaiers.)

    Kun je deze vrij hard geformuleerde constatering onderbouwen?

  • aadb op 3 januari 2012 om 18:38

    Het is bekend dat het klootjes volk gemanupileerd wordt door het creeren van honger naar van alles en nog wat , na de aankoop volgt een negatieve spiraal die de aanschaffers van de artikelen doet besluiten om weer te verkopen (aandelen,stil zitten als je geschoren wordt ) vaak gedwongen door dat de aanschaf met geleend geld is gefinancierd .(huizenmarkt) De grote spelers beheersen deze taktiek om vraag en aanbod naar hun hand te zetten vaak zonder enige schroom . Ook binnen de filatelie zijn grote spelers aktief je vind ze bij grote veilingen waar de kleine man het bij voorbaat al verliest van de gene die met de euro,s zwaaien en die kortingen kunnen bedingen omdat ze grote klant zijn .Menig particulier die zegt een koopje gehaald te hebben op een veiling kan zich afvragen of de handel heeft zitten slapen. Er zullen ongetwijfeld veilingen zijn waar een en ander niet voorkomt ,maar helaas moet ik konstateringen dat de echte grote zaken al beklonken zijn voordat de veiling aanvangt .

  • johan op 3 januari 2012 om 21:02

    Als je van ellende met je neus omhoog in het ziekenhuisbed ligt en van de pijn niet op je zij kunt liggen dan maakt het geen bal uit of je rijk of arm bent of veel of weinig postzegels bezit. Dan ben je alleen maar bezig met je gezondheid. En al die bla bla zegt geen bal.

  • johan op 3 januari 2012 om 21:20

    Het klootjesvolk van tegenwoordig koopt leuk al die verzamelingen goedkoop op en heeft plezier in deze hobby.

  • Marcel Vos op 3 januari 2012 om 22:47

    Ik ben begonnen met verzamelen van postzegels op mijn negende jaar. later hoorde ik beter postfris kon kopen.

    Vind ik nu nog prachtig postfris, de plaatjes zijn goed zichtbaar. Al vind ik veel zegels ook niet mooi.

    In mijn tiener jaren zeiden ze allemaal belegging, zelfs de jonge zegels van 1950-1980 toen.

    Leuk vond ik die gedachte maar nu het intereseerd mij niets dat er postzegels niet veel waarde hebben. Ik had een stop met verzamelen van postzegels en verzamelde bodemvondsten. maar toen ik juist wist de zegels zijn niet veel waard ben ik weer gaan verzamelen verder. En ook de nieuwe zegels.

    Verzamelen zit in mijn bloed.

    Nu doe ik pers zegels laten drukken met mooie plaatjes dit zie ik anders dan de klasieke. Het is een andere tak van het verzamelen van zegels.

    Het boeid mij niet dat de zegels nooit echt wat waard worden, behalve de antiekertjes zullen wel in waarde blijven en weer eens stijgen.

  • Paul van Beek op 4 januari 2012 om 09:05

    @volgers reacties op dit artikel

    Philip Levert liet mij weten, dat hij zich niet echt had verdiept in de betekenis van het woord ‘klootjsvolk’, hij zag het als een synoniem voor ‘de kleine man’.
    Dat klinkt al een stuk sympathieker!

    De onderbouwing van zijn waarneming is nog niet aan de orde gekomen, de gestelde vraag blijft dus overeind.

    Mijn ervaringen bij het bezoeken van de postzegelveilingen in ons land zijn namelijk anders.

    @AadB
    Vol gas en ronkend kort door de bocht, niemand kan dat zo goed als jij!

  • arno bratvic op 3 februari 2014 om 16:20

    Hallo, postzegelbloggers. Ik ben sinds kort (± drie jaar) begonnen met echt verzamelen. Daarvóór (gedurende tientallen jaren) was het eigenlijk meer “sparen” hetgeen neerkwam op, tamelijk ongestructureerd, schoenendozen vullen met het vage idee daar later ooit nog eens iets mee te gaan doen. Maar sinds ik serieus met die mooie hobby bezig ging, probeerde ik ook informatie van internet te betrekken. En daarbij stuitte ik op een probleem (volgens mij een bekend probleem voor iedereen die het internet als informatiebron voor ongeacht wélk onderwerp wil benutten): door het overweldigende aantal sites en links enz. mbt Filatelie, kan je door de bomen het bos niet meer zien. Ik kwam shit-sites tegen die overbodige of slechte info bieden, en puur-commerciële sites (daar is natuurlijk niets op tegen, als dat maar duidelijk is), en ook sites met zeer waardevolle informatie (zoals jullie site).
    Mijn vraag is nu: kunnen jullie, eventueel in samenwerking met andere kwalitatief hoogstaande sites, een OVERZICHT samen stellen van alle, of in ieder geval zoveel mogelijke, informatie die voor filatelisten relevant is? Mijn contacten met mede-filatelisten leren dat er ook bij hen wel behoefte aan bestaat.
    Mijn suggestie: maak er een apart “project” van (bijvoorbeeld onder de naam “Filatelie op Internet” of i.d., waarbij het initiatief bij jullie ligt (en blijft), en waaraan wordt meegewerkt door enthousiaste vrijwilligers die bereid zijn hun kennis, ervaring en tijd daar in te steken. Wellicht kunnen organisaties als de NVPH, de NBFV, de Stichting Filatelie, en een of meer uitgeverijen (DAVO, Importa, enz.)dit initiatief ondersteunen.
    tth: zelf ben ik bezig met het schrijven van een boek bestemd voor beginnende filatelisten, vanuit mijn eigen ervaringen. Mogelijke titel: “Postzegels verzamelen voor beginners”, of “filatelie voor dummies”. Of ik er ooit in zal slagen om dit boek succesvol af te ronden, is nog ongewis. Maar ik wil in dat boek in ieder geval andere informatie kwijt dan er in de (vele!) bestaande lectuur al aanwezig is. Laat wat van je horen. vrigro, Arno.

  • arno bratvic op 3 februari 2014 om 16:21

    Hallo, postzegelbloggers. Ik ben sinds kort (± drie jaar) begonnen met echt verzamelen. Daarvóór (gedurende tientallen jaren) was het eigenlijk meer “sparen” hetgeen neerkwam op, tamelijk ongestructureerd, schoenendozen vullen met het vage idee daar later ooit nog eens iets mee te gaan doen. Maar sinds ik serieus met die mooie hobby bezig ging, probeerde ik ook informatie van internet te betrekken. En daarbij stuitte ik op een probleem (volgens mij een bekend probleem voor iedereen die het internet als informatiebron voor ongeacht wélk onderwerp wil benutten): door het overweldigende aantal sites en links enz. mbt Filatelie, kan je door de bomen het bos niet meer zien. Ik kwam shit-sites tegen die overbodige of slechte info bieden, en puur-commerciële sites (daar is natuurlijk niets op tegen, als dat maar duidelijk is), en ook sites met zeer waardevolle informatie (zoals jullie site).
    Mijn vraag is nu: kunnen jullie, eventueel in samenwerking met andere kwalitatief hoogstaande sites, een OVERZICHT samen stellen van alle, of in ieder geval zoveel mogelijke, informatie die voor filatelisten relevant is? Mijn contacten met mede-filatelisten leren dat er ook bij hen wel behoefte aan bestaat.
    Mijn suggestie: maak er een apart “project” van (bijvoorbeeld onder de naam “Filatelie op Internet” of i.d., waarbij het initiatief bij jullie ligt (en blijft), en waaraan wordt meegewerkt door enthousiaste vrijwilligers die bereid zijn hun kennis, ervaring en tijd daar in te steken. Wellicht kunnen organisaties als de NVPH, de NBFV, de Stichting Filatelie, en een of meer uitgeverijen (DAVO, Importa, enz.)dit initiatief ondersteunen.
    tth: zelf ben ik bezig met het schrijven van een boek bestemd voor beginnende filatelisten, vanuit mijn eigen ervaringen. Mogelijke titel: “Postzegels verzamelen voor beginners”, of “filatelie voor dummies”. Of ik er ooit in zal slagen om dit boek succesvol af te ronden, is nog ongewis. Maar ik wil in dat boek in ieder geval andere informatie kwijt dan er in de (vele!) bestaande lectuur al aanwezig is. Laat wat van je horen. vrigro, Arno

  • arno bratvic op 17 mei 2016 om 16:47

    Even terugkomend op het onderwerp: is filatelie al dan niet winstgevend. Ik denk dat daarbij belangrijk is om een onderscheid te maken tussen 1) filatelisten die aan hun hobby willen verdienen, en het dus als een investering zien (waar in principe niets op tegen is); en 2) filatelisten die bereid zijn tijd en geld te steken in een prachtige hobby en daarbij beseffen dat het geld dat ze er in steken waarschijnlijk (bij verkoop) nooit terugkomt. Deze laatste categorie “investeert” ook, namelijk in het plezier dat de hobby oplevert.
    Natuurlijk zijn er overlappingen tussen bovengenoemde twee groepen. Maar de verzamelaars zónder winstoogmerk kunnen vergeleken worden met sportvissers, die immers ook meer geld aan hun hobby kwijt zijn dan ze ooit terugverdienen, maar daarvoor wel vele uurtjes aan de waterkant hebben zitten genieten. Terwijl het voor de beroepsvissers mèt winstoogmerk wel degelijk van belang is dat de opbrengsten hoger zijn dan de gemaakte kosten. Wat niet wegneemt dat beide categorieën plezier aan hun bezigheden kunnen ontlenen.

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)