Noodzegel Denemarken in 1963 - Postzegelblog

Noodzegel Denemarken in 1963

0

De wereld stond in 1963 weer bijna in brand. De ‘Koude Oorlog’ woedde volop. Het was een gewapende vrede tussen ‘Oost’ en ‘West’. Uit angst voor een nieuwe oorlog heeft de Deense regering toen noodplannen opgesteld die uiterst geheim waren en nog altijd niet volledig openbaar zijn gemaakt. Een deel van de plannen had betrekking op de Deense Postdienst.

De Deense Postdienst besloot in 1963 om twee miljoen noodpostzegels te laten drukken in vellen van 100 stuks die alleen geldig zouden zijn na aankondiging voor binnenlands gebruik. De noodpostzegels werden gedrukt door de particuliere drukkerij en uitgeverij J. Jørgensen & Co te Kopenhagen. De reden was dat, mocht een oorlog uitbreken en de bootverbindingen tussen de Deense eilanden en het vasteland zouden zijn verbroken, zo nodig nog voldoende postzegels op de postkantoren voorhanden zouden zijn. Acht grote postkantoren, waarschijnlijk (de namen zijn nog steeds niet vrijgegeven) te Aalborg, Aarhus, Bornholm, Funen, Kopenhagen, Næstved, een stad in het zuiden van Jutland en Thorshavn (Faroer eilanden) ontvingen een verzegeld pakket met in elk pakket 500 vellen noodpostzegels. In totaal dus 4.000 vellen. De rest van de voorraad werd goed beschermd en bewaakt, opgeslagen in Kopenhagen. Bij de pakketten werd een instructie meegezonden waarin stond dat het pakket pas mocht worden geopend als daarvoor een bevel kwam van de overheid. Geen enkele postmedewerker, van directeur tot kantoorbediende, werd op de hoogte gesteld van de inhoud van het pakket. Tevens was in het pakket een andere instructie opgenomen dat, indien noodzakelijk, plaatselijke drukkerijen de zegels konden bijdrukken. De noodzegels bleven meer dan 25 jaar op de acht postkantoren bewaard, ook al was de ‘Koude Oorlog’ al lang voorbij, totdat in de Deense krant ‘Politiken’ een foto werd geplaatst van de noodzegel. Dat gebeurde in de editie van zondag 21 februari 1988 met de vraag: ‘Wat is dit voor een zegel?’. Deze vraag werd ook voorgelegd bij de hoofddirectie van de Deense Postdienst. Maar er kwam geen antwoord. Wist men het niet? Of kon men het niet mededelen? De vraag werd herhaald op 3 april 1988, maar wederom geen antwoord. Noch van de Postdienst, noch van de Deense overheid.

Totdat op 7 maart 1991 een persconferentie werd gehouden door de Directie van de Deense Postdienst in Kopenhagen. Daar werd door directeur Lis Birkedal (afgebeeld op de zegel) van de Filatelistische Dienst, Postens Frimærkecenter PFC, medegedeeld wat zich in de acht verzegelde pakketten op de postkantoren bevond en dat die vellen noodzegels en de vellen die nog in opslag lagen, zouden worden vernietigd. Maar ze had toestemming gekregen van de Deense overheid om tegemoet te komen aan belangstellende postzegelverzamelaars en dat daartoe een hoeveelheid noodzegels ter beschikking werd gesteld aan de Danmarks Filatelist Forbund om deze ten behoeve van de Filatelistenbond te verkopen. Elke zegel zou 30 Deense kronen moeten kosten en per verzamelaar mocht maximaal een veeldeel van 10 stuks worden verkocht. Voordat de vellen aan de Bond zouden worden overgedragen, werden de velranden van alle vellen verwijderd en de vellen opgesplitst in blokken van vier en veldelen van 10 stuks. Alleen het Postmuseum in Kopenhagen kreeg een aantal complete vellen, met velrand.

De Bond greep deze kans met beide handen aan en men besloot ten behoeve van verzamelaars een omslagje te maken met daarin een blokje van vier stuks in een klemstrook.

De binnenzijde van het omslag werd voorzien van een tekst in vier talen: Deens, Duits, Frans of Engels. Onderstaand de tekst in de Franse taal. Vier verschillende omslagen. De Deense Postdienst had verwacht dat vele bestellingen van de noodzegels uit het buitenland zouden komen.

Met de verkoop van de blokjes en veldelen van 10 stuks werd op 14 maart 1991 begonnen en duurde tot 31 december 1991. In totaal werden 146.040 noodzegels verkocht. Een deel van de opbrengst, per verkochte noodzegel één kroon, dus 146.040,00 kronen, werd geschonken aan het Deense Postmuseum. Verder doneerde de Deense Bond 72.990,00 kronen aan de FIP, de Fédération Internationale de Philatélie, omdat de Bond had besloten de totale opbrengst van de in het buitenland verkochte noodzegels, met aftrek van de kosten, voor het werk van de FIP te bestemmen.

De grote vraag is: kan of moet deze noodzegel opgenomen worden in een verzameling postzegels van Denemarken? Vergelijkbaar met bijvoorbeeld de Nederlandse Interneringszegels? De tweede Interneringszegel is immers uitsluitend ongebruikt te verkrijgbaar geweest, net als de Deense noodzegel, en is ook vermeld in de Nederlandse postzegelcatalogus en opgenomen in de voordrukalbums. Wat was de reden dat de Deense Bond een donatie deed aan de FIP? Om te zorgen dat de noodzegel niet op de zwarte lijst zou komen? Ik weet het niet. Graag uw mening!

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Historisch



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (5 stemmen, gemiddeld: 5,00 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Reacties (0)

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)