Belgische voorafstempelingen (deel 1) - Postzegelblog

Belgische voorafstempelingen (deel 1)

0

Een gebied dat door vele postzegelverzamelaars van België wordt genegeerd is de voorafstempeling. Men kent daarin twee soorten, de handrol voorafstempeling en de zogenoemde typografische voorafstempeling. De eerste soort is, zoals het woord al aangeeft, met de hand aangebracht. Deze laat ik in dit artikel buiten beschouwing.

 

De handrol voorafstempeling bestaat al sinds 1894 en kenmerkt zich door de veelal decentrale afdrukken die soms slecht zijn aangebracht. Voorafgestempelde zegels worden gebruikt voor de verzending van drukwerk in grote hoeveelheden. De door middel van deze postzegels gefrankeerde stukken kunnen meteen naar de sorteerafdelingen wat tijdsbesparend werkt. Bovenstaande afgebeelde postzegel van 2 centiemen heeft een handrol voorafstempeling ANVERS 1895. Op de zegel van 1 centiem een voorafstempeling van DINANT uit het jaar 1903. Voor elk jaar werd een nieuw cliché vervaardigd. De door middel van de drukpers aangebrachte voorafstempelingen zijn vervaardigd vanaf 1906. Vele handrolstempels bleven daarna nog in gebruik.

 

Bij de typografische voorafstempelingen (dus met een drukpers) maakt men onderscheid in de stand van de afdruk. In het voorbeeld van BRUSSEL 1924 is stand A links en stand B rechts. De stand van de afdruk kan een groot verschil uitmaken betreffende de cataloguswaarde. Vanaf 1906 tot en met 1908 komt alleen stand B voor met de kantoornaam BRUSSEL. In 1909 komen voor ANVERS als A en BRUSSEL als B. In 1910 alleen stand A voor de twee kantoornamen. In 1911, 1912 en 1913 alleen stand B voor de twee kantoren. In 1912 werden GENT en LUIK toegevoegd. De kantoornamen werden nu ook tweetalig aangebracht. In 1914 komt de waarde van 2 centiemen met de voorafstempeling LEUVEN 14 LOUVAIN voor als nieuwe kantoornaam zowel in stand A als B.

 

Het duurde tot 1922 voordat nieuwe voorafgestempelde postzegels in verkrijgbaar werden gesteld. In plaats van de 1 en 2 centiemen werden nu ook de waarden van  3 en 5 centiemen toegevoegd op het type ‘Houyoux’ met afbeelding Koning Albert I’. De meeste voorafgestempelde zegels komen nu voor zowel in stand A als B. De voorafgestempelde postzegels werd vanaf 1923 ook in CHARLEROY in gebruik genomen.

 

Vanaf 1929 werden de voorafgestempelde postzegels in het type ‘heraldieke leeuw’ in de waarden van 3, 5 en 10 centiemen in gebruik genomen. In 1930 werd aan de serie de waarde van 20 centiemen toegevoegd maar alleen voor BRUSSEL.

 

Op 1 januari 1929 werden drie voorafgestempelde postzegels in het assortiment opgenomen met een bijzondere voorafstempeling. De drie zegels hadden in het cliché naast het jaartal een extra aanduiding meegekregen, een nieuwe waardeaanduiding van 5 centiemen. Deze drie postzegels waren alleen bestemd voor de verkoop via de postkantoren in het Brusselse grootstedelijke gebied. De drie postzegels, 5c op 50c, 5c op 75c en 5c op 1F25, worden door verzamelaars als ‘opdrukzegels’ behandeld en in de hoofdverzameling opgenomen. Was er in 1929 in Brussel een tekort aan voorafgestempelde postzegels van 5 centiemen? Was dit een eenmalige nooduitgifte? Ze waren geldig voor de frankering tot 1 maart 1930.

 

In 1931 en 1932 werd in plaats van kantoornamen de tekst ‘BELGIQUE 1931 BELGIË’ met het jaartal als voorafstempeling uitgebracht.

 

Een nieuw fenomeen verscheen op 20 februari 1931: een voorafgestempelde postzegel van 60 centiemen die door middel van de toevoeging 10c in het cliché van frankeerwaarde werd veranderd. Geen kantoornaam maar de tekst ‘BELGIQUE 1931 BELGIË’ met het jaartal.

 

Op 1 januari 1932 werden wederom postzegels uitgegeven voorzien van een voorafstempeling waarbij tevens de waarde van de postzegels was gewijzigd. Maar hier was de tekst ‘BELGIQUE 1932 BELGIË’ opgenomen en de nieuwe waarde van 10 centiemen. Sterk verschoven en zelfs kopstaande opdrukken van de 10c op 70c kunnen voorkomen.

 

Voor het jaar 1933 werden dezelfde twee postzegels eveneens voorzien van de voorafstempeling. Met daarnaast de algemene voorafstempeling BELGIQUE 1933 BELGIË in twee standen op de postzegel van 5 centiemen type Mercurius.

 

 

Voor 1934 alleen de waarde van 40 centiemen met voorafstempeling ‘BELGIQUE 1934 BELGIË’. We zouden het bijna vergeten, maar voorafstempelingen met de kantoornamen ANTWERPEN, BRUSSEL en LUIK werden in 1933 en later ook nog steeds gebruikt. Ook op de opdrukzegel 2c op 3c. Verder werden de twee zegels van het type Ceres (5 centiemen) en Mercurius (10 centiemen) ook voorzien van voorafstempelingen.

 

Voor de laatste keer kreeg de postzegel ‘Heraldieke leeuw’ van 1929 met de waarde 40 centiemen een voorafstempeling ‘BELGIQUE 1937 BELGIË’ waarbij de waarde tegelijkertijd werd gewijzigd in 10 centiemen. Ook de zegels met afbeelding Ceres en Mercurius werden in de jaren 1934, 1935 en 1936 gebruikt. In 1936, 1937 en 1938 werden tevens twee postzegels van het type ‘Klein staatswapen’ van 5 en 10 centiemen uitgegeven vanaf 1935 voorzien van voorafstempelingen BELGIË, ANTWERPEN, BRUSSEL en LUIK. Nog een laatste opmerking: men moet voorzichtig zijn met de zogenoemde ‘postfrisse’ exemplaren, omdat het kan voorkomen dat gebruikte voorafgestempelde postzegels zijn voorzien van nieuwe gom, vooral bij de voorafstempelingen waarbij de frankeerwaarde is gewijzigd. En de handrol voorafstempelingen? Die bleven in gebruik tot en met 1931. In deel 2 ga ik verder in op de voorafgestempelde postzegels waarbij het cliché geheel is gewijzigd.

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Historisch België



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (3 stemmen, gemiddeld: 5,00 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Reacties (0)

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)