Met het oog op de maan (2) - Postzegelblog

Met het oog op de maan (2)

1

Naast de kalender en de voorspellingen is de almanak ook van belang vanwege dat wat ik maar even ‘feitelijke info’ noem: gegevens over (jaar)markten en waterstanden, huismiddeltjes tegen ziekten en vlekken, recepten, afvaarttijden van de beurtschippers en trekschuiten en info over postdiensten en -tarieven. Zoals al blijkt uit de naamgeving van bovengenoemde Finse volksalmanak wordt hij hierdoor steeds meer een belangrijke bron van nuttige informatie voor iedereen.


Dit is ook het geval bij een der oudste (en nog steeds uitkomende) Italiaanse almanakken, de Barbanera. De ‘auteur’ Barbanera, die via een vriend zijn kennis doorgeeft aan de samensteller van de kalender/almanak, wordt omschreven als ‘een beroemd astronoom, astroloog en filosoof’. De man met de zwarte baard (= Barbanera) staat afgebeeld op een tekening op het eerste nummer van Il Lunario Barbanera uit 1762, een almanak uit Foligno uit de drukkerij van Giovanni Numeister di Magonza (afb.11).

afb.11

Aanvankelijk hebben we hierbij te maken met een zogenaamde ‘plano-almanak’, ook wel ‘plak-‘ of ‘wandalmanak’ genoemd. Deze eenzijdig bedrukte almanakken worden, net als de hedendaagse verjaardagskalenders, opgehangen of op een deur geplakt. De Barbanera krijgt zijn plek in de Italiaanse keukens als onmisbaar instrument voor het beheer van huis, boomgaard en tuin. Naast pragmatische adviezen bevat hij info over sterren en weersvoorspellingen, horoscopen, suggesties voor het kopen van loten met bepaalde nummers en een gids voor droominterpretaties. Vanaf 1793 verschijnt hij ook in boekvorm.
Eind 1732 verschijnt in de Verenigde Staten de Poor Richard’s Almanack for the year of Christ 1733. Uitgever en drukker is de bekende Benjamin Franklin. De almanak is zo gewild dat Franklin er tussen december 1732 en januari 1733 drie oplagen van moet drukken om aan de grote vraag te kunnen voldoen. Dankzij de populariteit van Franklins alter ego Richard Saunders en diens vrouw Bridget lopen de oplagen op tot 10.000 exemplaren per jaar. Dat is vooral te danken aan de aforismen – die Franklin overigens ‘geleend’ heeft – waarmee de ‘lege ruimtes’ worden gevuld. De almanak is verder vrij traditioneel van inhoud (kalender, astrologische en astronomische gegevens, weersvoorspellingen, huishoudelijke tips en weetjes, humoristische artikelen en informatie over een groot aantal onderwerpen). Na 1748 werkt Franklin er zelf niet meer aan mee en wordt de almanak omgedoopt tot Poor Richard Improved. Na de verkoop hiervan in 1758 blijft de almanak populair en hij wordt uitgegeven tot 1796. Een mooie afbeelding van de eerste uitgave vinden we op de zegel van de VS, die de drukkersactiviteiten van Franklin weergeeft (afb.12).

afb.12

In hoeverre het historisch aan te tonen is dat Ben daarbij geassisteerd is door een muis, is mij niet bekend. Wel vinden we op de zegel van Grenada een stukje van (het klad van) de almanak terug (afb.13).

afb.13

Mengelwerk

Wat begint als ‘bladvulling’ (zoals bovengenoemde aforismen van ‘Saunders’) neemt in omvang toe vanaf de 17e eeuw, als er ook kroniekjes en overzichtjes van belangrijke gebeurtenissen van het afgelopen jaar worden opgenomen. Er verschijnen speciale kluchtboekjes, net als de kroniekjes zowel los uitgegeven als opgenomen in of ingebonden bij de almanak. Bovendien ontstaan er vanaf de 18e eeuw allerlei ‘gespecialiseerde’ almanakken voor groepen als schutters, bakkers, studenten en kinderen. De 19e eeuw toont de opkomst van de letterkundige almanakken zoals de Muzenalmanakken en almanakken met sociale of politieke bedoelingen.
In 1846 verschijnt het eerste nummer van de Armonaque de Mons. De schrijver/samensteller is de priester Charles Letellier, die al eerder enkele stukjes schrijft in het dialect van Mons (Bergen). Die stukjes worden in 1842 gepubliceerd in Essais de l;ittérature montoise. Om aan geld te komen voor zijn arme gemeente, krijgt hij, na het succes van zijn eerste publicatie, het idee een jaarlijkse almanak uit te geven met teksten uitsluitend in het Bergens. Zo krijgt deze almanak een belangrijke plaats in de Waalse streekcultuur. Tot WOII is de almanak zeer populair. Vanaf 1976 wordt hij nieuw leven ingeblazen door Pierre Coubeaux (afb.14).

afb.14
Bij de volgende almanakken spelen politieke en/of nationalistische motieven een belangrijke rol. Het belang van een eigen taal en literatuur is daarbij groot. Zo wordt in 1851, op initiatief van de Sloveense schrijver-bisschop Anton Slomsek (afb.15),

afb.15

de leraar Anton Janezic en vicaris Andrej Einspieler, de Druzba sv Mohorja (DSM) opgericht, een soort ‘Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen’. Doel ervan is de Slovenen in hun eigen taal te leren lezen en schrijven. Daartoe heeft de DSM een uitgeverij en een drukkerij in Celovic/Klagenfurt opgericht. Naast een maandblad (Druzina in dom, Gezin en huis) wordt er vanaf 1859 ook een almanak uitgegeven, de Slovenska koleda. Deze bevat, naast een uitgebreide kalender, artikelen op allerlei gebieden als geschiedenis, natuurkunde en literatuur. Oudere edities bevatten een genealogie van de keizerlijke familie, posttarieven en een lijst van levenslange klanten. Vanaf 1894 verschijnt de almanak in groot formaat met een geïllustreerde titelpagina. Op de zegel uit 2001, uitgegeven ter gelegenheid van het 150-jarig bestaan van de oudste Sloveense drukkerij, zien we de titelpagina van de Slovenska koleda uit 1920 (afb.16).

afb.16
Een Litouwse zegel herdenkt de herinvoering van de druk in Latijnse letters in 1904 met de verschijning van de eerste legale, in Latijns lettertype gedrukte krant Vilniaus zinios. Op de zegel vinden we ook twee almanakken. De linkse is een uitgave van de eerste almanak in de Litouwse taal, geschreven door de volksopvoeder Lawynas Ivinskis (1810-1881). De almanak wordt in 1846 gedrukt in Vilnius door Adam Zavadskio. Deze Kalendorius is aanvankelijk vooral bestemd voor boeren. Na 1852, als Ivinskis ook verhalen van bekende Litouwse schrijvers uit zijn tijd en vertaalde literatuur uit het buitenland opneemt, is hij ook gericht op een hoger opgeleid publiek. In 1878 wordt hij gepubliceerd in Latijns schrift i.p.v. in het door de Russische bezetters verplichte cyrillisch. In totaal verschijnen er 22 uitgaven van zijn Metskaitliai, zoals zijn almanakken genoemd worden. De rechter almanak komt uit in 1883 en in 1884. Deze Lietuviskas Auszros Kalendorius van Martynas Jankus (1858-1946) wordt buiten Litouwen in Latijns schrift gedrukt en illegaal ingevoerd. Deze almanak bevat eveneens pedagogische en literaire teksten (afb.17).

afb.17
Ook in de almanak die de Russische schrijver-publicist en dissident A.Herzen (afb.18)

thumbnail_afb.18

in Londen uitgeeft en in zijn eigen (in 1853 gekochte) drukkerij van de persen laat komen tussen 1855 en 1862 speelt literatuur een rol. Zijn Poljarnaja Zvjezda (Poolster) is een soort verzamelbundel van literair-politieke teksten waar, vanaf deel 4, ook Ogarjev aan heeft meegewerkt. De laatste van de acht delen komt uit in Genève. Ze bevatten o.a. kritisch materiaal dat in Rusland ongepubliceerd is gebleven, de brief van Belinski aan Gogol en fragmenten uit Herzens memoires Byloje i dumy. Op het titelblad van het eerste nummer uit 1855 staat een afbeelding van de gravure van W.Linton met de hoofden van vijf ‘Decembristen’ (afb.19).thumbnail_afb.19

Deze Russische intellectuelen zijn gearresteerd vanwege hun aandeel in de Decemberopstand van 1825 tegen de omstreden troonsbestijging van tsaar Nicolaas I en op 25 juli 1826 opgehangen. Een ervan, Kondraty Rileyev (1795-1826), dichter en revolutionair, publiceert van 1823-1825 samen met A.A.Bestuzhev eveneens een almanak met de naam Poolster!

Van almanak naar jaarboekje

Zo zien we dat door accentverschuivingen veel almanakken uit de 19e eeuw het karakter krijgen van een jaarboekje in de geest van de Annales Monegasques (Revue d’Histoire de Monaco, jaarlijks uitgegeven sinds 1976) (afb.20)

afb.20

of van de Annalen van de Matica Srpska (een jaarlijkse uitgave van een Servische culturele vereniging, sinds 1825) (afb.21).

afb.21

Hetzelfde geldt voor een der belangrijkste Engelse almanakken, de Whitaker’s Almanack, sinds 2013 kortweg de Whitaker’s, die van 1868 tot 1997 jaarlijks uitgegeven wordt door de gelijknamige firma. De inhoud bestaat uit artikelen, lijsten en tabellen over een breed scala van onderwerpen zoals onderwijs, overheidsdepartementen, gezondheid, sociale kwesties en milieu. Ook staan er kritische essays in over gebeurtenissen van het voorafgaande jaar. De kalender met astronomische gegevens is nog wel aanwezig, maar hij is verbannen naar de achterkant. Een nagemaakt Mulready-postwaardestuk maakt reclame voor deze nog steeds verschijnende almanak (afb.22).

afb.22
We zijn hiermee aan het eind gekomen van de ontwikkeling van de razend populaire almanak – in zijn beste tijd haalt de Finse oplagen van 800.000 stuks en de Barbanera zou zelfs de tweeëneenhalf miljoen exemplaren bereiken – tot het jaarboekje van nu dat soms nog wel de naam ‘almanak’ voert, maar inhoudelijk sterk van zijn voorouders afwijkt. Wat te denken van de Belastingalmanak, om er maar eens een te noemen! Wanneer we zien dat andere landen almanakken soms al na honderd jaar postaal herdenken, zou het dan geen tijd worden dat die oude rakker uit Enkhuizen, sinds 1700 onafgebroken ieder jaar uitgegeven, niet ook eens van tandjes wordt voorzien?

Auteur: Theo Huisman

Gratis online postzegelcatalogus

Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Historisch Groot Brittannië Rusland Verenigde staten Astrologie Boeken



Nieuwsgierig naar de nieuwste postzegel- en postzegelproducten?

Kijk dan bij Collect Club.

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (6 stemmen, gemiddeld: 3,67 uit 5)
Loading...
PrintSchrijf een reactie

Reacties (1)

  • FrancRossi op 1 augustus 2016 om 12:38

    Prima verhaal. Het blijft verbazingwekkend hoe groot het scala is aan onderwerpen die filatelistisch uit te werken zijn.Ook nooit gedacht dat aan almanakken zo vaak postzegels zijn gewijd.

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)