Sagen en legenden (1)

2

De Basilisk

De Basilisk wordt al vermeld in de Oudheid, in de Bijbel en bij Jacob van Maerlant.
Dit verhaal gaat over het middeleeuwse, mythische monster genaamd de Basilisk.
Het is een soort draak, ontstaan uit een hanenei en door een pad uitgebroed, uitgerust met een kronkelende,  geschubde staart, een hanenkop en grote gele hanenpoten, vleugels en een slangentong.

Zijn gele, angstaanjagende ogen en de ontzettende stank die hij verspreidt, maken het plaatje compleet. Degene die hem in de ogen kijkt sterft. Als de Basilisk zichzelf in de spiegel ziet óf een haan hoort kraaien, stort hij ter aarde en sterft.

De Basilisk van Warschau
In 1587 speelden twee kleine kinderen verstoppertje in een oude kelder. Toen ze dood werden gevonden was hun lichaam opgezwollen en hun huid was geel. Hieruit maakte men op dat er een Basilisk in het spel moest zijn. Een ter dood veroordeelde met dikke brillenglazen en behangen met spiegels werd ingehuurd en daalde af in de kelder. Eén blik in de spiegel doodde het monster. Hoe het verder met de man afliep werd mij niet duidelijk.

De Basilisk van Wenen
Wenen, 1212. In de Schönlaterngasse nr. 7 woonde bakker Garhibl. Toen zijn dienstmeisje water uit de bron wilde halen schrok zij zich wezenloos: ze keek in een paar glinsterende ogen omgeven door een walgelijke stank. De bakkersleerling was een ferme knaap en daalde met een lading spiegels in de put af. De Basilisk gaf een schreeuw zodra hij één van de spiegels zag en legde het loodje. Daarop werd de put volgegooid met stenen en aarde. De bakkersleerling, die al geruime tijd een oogje had op de bakkersdochter, kreeg eindelijk zijn zin en al spoedig volgde de bruiloft.

Ook in Nederland was de Basilisk actief. Uit middeleeuwse volksverhalen blijkt dat hij in Utrecht, Dokkum  (513) en Oldeboorn (1413) veel slachtoffers heeft gemaakt.

De Fee Morgan

De Fee Morgan speelt een belangrijke rol in de middeleeuwse legenden rondom Koning Arthur. Ze is priesteres/zieneres/tovenares bij de Druïden en woont samen met andere priesteressen in afzondering op Avalon, een mythisch eiland in de Britse wateren, slechts bereikbaar voor hen die de magische boot kunnen vinden. Haar broer Koning Arthur heeft zich bekeerd tot het christendom, dit tot afkeer van Morgan, die alleen de excessen van deze religie ziet. Het geloof van de Kelten, dat dichter bij de natuur staat, ziet zij als het enig ware.

De roman Nevelen van Avalon (Marion Bradley 1983) is een zeer opmerkelijk boek over Koning Arthur en de Ridders van de Ronde Tafel, omdat de verhalen worden verteld vanuit het gezichtspunt van de vrouwen die hierin een rol spelen. Morgan vervult de hoofdrol. Hoofdthema’s zijn: de kloof tussen de wereld van de Kelten en de Christenen en noodlot versus vrije wil. Het woord fata morgana is een Latijnse vertaling van fee (fata) Morgan (morgana). De Normandiërs bouwden een burcht op Sicilië en gaven deze haar naam.

De Vliegende Hollander
Het beroemde spookschip dat voor eeuwig rond zwalkt in de buurt van Kaap de Goede Hoop kreeg de naam De Vliegende Hollander, hoewel deze naam ook wordt gebruikt voor de kapitein ervan. Deze VOC-schipper wilde op Paasmorgen uitvaren naar Indië, maar kreeg hier veel kritiek op. Zoiets doe je niet op een christelijke feestdag. Bovendien was het hondenweer. Hij werd ziedend, vervloekte God en vertrok. Vanaf dat moment zat hij niet zo lekker in zijn vel. Hij was gedoemd eeuwig op de oceanen te varen. Soms kwamen andere zeelui het schip tegen: het voer altijd tegen de wind in en het dook even plotseling uit de golven op als dat het weer verdween. Bloedrode zeilen, zwarte romp en masten, blauwachtig licht rondom het schip waartegen een zwarte vogel zich aftekende. De bemanning was dood en de kapitein stond met witte haren en een verschrompeld gezicht zonder ogen als versteend op het dek. Met de schepen die het zagen liep het altijd slecht af.

Allemaal verzonnen
De Vliegende Hollander is geen sage bekend uit eeuwenlange mondelinge overlevering. Het is doodleuk uitgevonden en op papier gezet door de Engelsen die destijds (17e en 18e eeuw) stinkend jaloers waren op die Hollanders met hun snelle verbinding naar Indië. De haven van Terneuzen (genoemd als thuishaven van het spookschip) beschikte destijds nog niet over het kanaal naar de Noordzee, zodat het grote schip daar nooit in de haven heeft kunnen liggen. Terneuzen werd dankzij dit verhaal wel een enorme toeristische trekpleister. Ook de Efteling heeft een Vliegende Hollander-attractie. Wagner schreef er een opera over. Films en videogames overspoelden de markt. Washington Irving, Walter Scott, Edgar Allan Poe, Heinrich Heine en Samuel Taylor Coleridge schreven er verhalen over. Ieder van hen heeft een eigen versie, bloedstollend is het zeker. Het zijn verhalen om van te smullen.

Veel bekende Nederlanders (plus alle KLM-vliegtuigen) kregen de bijnaam De Vliegende Hollander. Gelukkig zijn daar ook nog Wubbo Ockels en Epke Zonderland. De Nederlandse Vereniging van Aero-Philatelisten De Vliegende Hollander gaf in 2011 een eigen postzegel uit. Op bijgaand stempel staat het roemruchte schip afgebeeld.

Gratis online postzegelcatalogus
Kijk in onze catalogus voor meer postzegels
Historisch Sprookjes en legenden

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (4 stemmen, gemiddeld: 5,00 uit 5)
Loading...Loading...
PrintSchrijf een reactie

Yvonne Kruse is 25 jaar geleden, toen ze haar man ging assisteren op de ZHPV beurzen in Leidschendam, Zoetermeer en Den Haag verslaafd geworden aan het verzamelen van postzegels.

Reacties (2) Schrijf een reactie

Schrijf een reactie

(registratie is niet nodig)