Kinderzegels 1953? Ontmoetingen met (het) gevoel!

0

Op het bijzonder interessante en lezenswaardige artikel ‘De postzegels van Theo Kurpershoek’ met aantrekkelijk aanvullende illustraties, dat naar aanleiding van een inleiding van Gert Holstege op postzegelblog verscheen, heb ik met weinig opbeurende citaten over de afbeeldingen van de kinderzegels 1953 uit het maandblad Philatelie gereageerd (december 1953, blz. 312; zie de tekst aan het eind van dit artikel).


Naderhand heb ik me afgevraagd: “Is het wel zinvol geweest deze verzameling negatieve uitlatingen over u uit te storten? Krijgen de bloglezers hiermee meer grip en beter zicht op de (deel)afbeeldingen van deze vijf kinderpostzegels?” Achteraf bekeken, verwacht ik van niet.

Met deze constatering kwam meteen de vraag naar voren: “Hoe is toch mogelijk dat deze portretgalerij van vijf Kurpershoek-kinderen negatieve kwalificaties als “kinderen uit het tuchthuis”, “onverbeterlijke toekomstige misdadigers” en “ontsnapte stakker uit een krankzinnigengesticht” bij een aantal personen heeft doen laten ontstaan?”

‘t Scheelt in welk vat een afbeelding is/wordt gegoten!

Wel, de oplossing van deze subjectieve, gevoelsvolle en emotionele op- en aanmerkingen (veroordelingen) hebben te maken met het feit dat ontwerper Kurpershoek zijn vijf kinderen ZONDER OPZET letterlijk tekenstijl en vormgeving in een kwaad daglicht heeft gesteld! De kinderen bezitten trieste, weinig opbeurende en uitnodigende gezichten (tronies, alle van de zijkant weergegeven [en profil]). De uitdrukking én uitstraling van de kinderen zijn onaantrekkelijk.

Door een gevarieerd aantal vormgevingspunten wordt dit bewerkstelligd als:

  • een vereenvoudiging van de gezichten en vooral een versobering van de haardos;
  • een strenge en nadrukkelijk aanwezige lijnvoering;
  • een nuanceloze en omvangrijk donker gekleurde schaduwpartijen.

Door bovenstaande kenmerken komen de kinderen (één meer dan de andere) hard, bot en confronterend/uitdagend over.

Dergelijk hard realistische, archetypische eigenschappen (oerbeelden/-vormen) worden misdadigers en krankzinnigen van ouds ook toebedeeld. Deze ongure typen zijn op een foto met indringende blik nadrukkelijk aanwezig, gelijk bijgaande crimineel uit Guyana. Van misdadigers wordt op opsporingsfoto’s, behalve het gezicht en hals, dikwijls weinig van de rest van het lichaam getoond.

Koppen bij de hals ‘afgesneden’ roepen op postzegels en munten in het geheel geen negatieve gedachten op. Bijgaande postzegelafbeeldingen met daarop koning Willem III, koningin Wilhelmina en Juliana komen alle (de ‘halsafsnijdingen betreffende’) overeen met de kinderzegels 1953. Juliana op de één gulden postzegel komt door de ‘afsluiting’ van de halspartij overeen met de 5 cent kinderzegel: beide portretten eindigen met een kraagje.

Bij deze kinderzegel-kinderen is dat ook gebeurd. De hals is scherp afgesneden. Dit maakt dat de kinderen niet als doodgewone kinderen worden gezien. Toch is het heel gebruikelijk zowel bij munt als postzegel bij de halspartij een portret abrupt door afsnijden te beëindigen.
Deze kinderzegelafbeeldingen worden bij eerste aanschouwing meer met het gevoel dan met het verstand bekeken, benaderd en/of beoordeeld. Afkeuringswaardige aanmerkingen kunnen daar dan ook het gevolg van zijn.

Toch roept bovenstaande foto-collage van de ??-jarige Manuel mét de tekenende hand van vader Kurpershoek in combinatie met de schetstekening geen negatieve gevoelens op. Reden? De foto van Manuel bezit een scala aan grijstinten van redelijk donker naar bijzonder licht, waardoor een natuurlijk, evenwichtig en positief beeld van een doodgewoon kind ontstaat. Van negatieve bijgedachten is in het geheel geen sprake. Ook de schetstekening van het kereltje, waar contourlijn en enkele details duidelijk opvallen, bezit een neutrale lading.

Dat de gezichtsuitdrukkingen van de kinderen destijds zelfs een negatieve invloed op het koopgedrag (als verborgen verleider, echter in negatieve zin!!) hadden, getuigt de onderbouwde gevoelsuiting in het maandblad uit 1953: “Ik zal slechts één serie kopen noodzakelijk om bij te blijven met mijn verzameling. Maar, de gewoonte getrouw, een paar honderd kopen voor de frankering van mijn zakenbrieven [tijdsgebonden gebruik!], dat doe ik dit jaar beslist niet. Ik schaam mij er werkelijk voor mijn brieven met deze foei-lelijke postzegels te frankeren.”

Twee- of driekleurige kinderpostzegels?

“De postzegels zijn in twee kleuren uitgevoerd”, aldus de PTT-dienstorder H. 787bis van 7 oktober 1953”:

  • 2 + 3 cent: meisjeskopje van Marguerite met emmer, schep en vlaggetje. Kleuren: geel & blauw;
  • 5 + 3 cent: jongenskopje van Manuel met appel. Kleuren: groen & karmijn;
  • 7 + 5 cent: meisjeskopje van Koosje met duif. Kleuren: blauw & sepia;
  • 10 + 5 cent: jongenskopje van René met scheepje. Kleuren: goud-oker & violet;
  • 25 + 8 cent: meisjeskopje van Ingeborg met tulp. Kleuren: oudrose & olijfgroen.

Beide jongens worden in serie-opstelling links en rechts door de meisjes geflankeerd. De deelafbeeldingen links op de kinderzegels hebben te maken met land (door schep, vlag & emmer), lucht (door de duif), water (door het scheepje), groei (door de appel) en bloei (door de tulp). Stuk voor stuk attributen, die op een symbolische wijze de (speel-/beleef)wereld en milieu van een kind vertegenwoordigen.

Voor de druk van deze kinderzegels zijn twee kleuren per postzegel gebruikt. Toch is er bij aanschouwing van iedere postzegel duidelijk sprake van drie kleuren! Oorzaak van deze geraffineerd aangebrachte derde kleur? Onder het raster rondom ieder kind is de gele kleur van het linker gedeelte van de postzegel bij eerste drukgang ook aangebracht De zwarte kleur op bijgaande afbeelding is in werkelijkheid geel.
Bij de tweede drukgang wordt de blauwe kleur van gezicht aangebracht. Deze kleur komt uiteraard ook op de eerst aangebrachte gele kleur terecht. Door de kleine openingen van het raster is deze kleur op de postzegel nog duidelijk zichtbaar aanwezig. De derde kleur ontstaat dus steeds door een ogenschijnlijke menging van de twee kleuren.
Bij de 2 cent-kinderzegel veroorzaakt de menging van geel en blauw een groene kleur (zie daarvoor het deelhoofdstuk ‘Kleurenleer van Itten’ van het artikel ‘Puntsgewijze aandacht voor 12 groene postzegelafbeeldingen’ van 4 september 2011).

Naamsbekendheid van de kinderen

Naast kritiek op de afbeeldingen van de kinderen waren er ook aanmerkingen op de met naam bekende kinderen. Volgens de in 1953 nog geldende zienswijze mochten, behalve personen van de koninklijke familie, geen met naam bekende mensen op postzegels afgebeeld worden. In de pers verscheen echter naar aanleiding van informatie hierover in de Engelstalige PTT-introductiefolder Kinderzegels 1953 een bericht dat de vijf kinderen van ontwerper Kurpershoek op de kinderzegels terecht waren gekomen. De voornamen, die vorige week pas door de inleiding van Gert Holstege wereldkundig zijn gemaakt, waren niet bekend.
Opvallend is hierbij echter wel dat de kinderen van de kinderzegels 1951 met veel tamtam tijdens de officiële postzegelpresentatie en eerste verkoop aanwezig waren. Toen is er geen onvertogen woord over met naam bekende kinderen op postzegels gevallen.

De tekst van deze relatiefolder luidt: “Voor de kinderkopjes hebben mijn eigen kinderen geposeerd, niet omdat ik dit nu typische voorbeelden van misdeelde kinderen vind, maar omdat het de dichtst bij de hand zijnde modellen waren en ook omdat het mij een leuk idee lijkt een brief te frankeren met een afbeelding van mijn eigen kroost.”

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Tot slot

Een aandachtige en oplettende lezer van dit artikel, waarin emotionele opmerkingen én ontladingen staan (zie ook bovenstaande tekst), zal gemerkt hebben dat ik voor de filatelie ongebruikelijke woorden als “gevoel”, gevoelsleven”, “gevoelsuiting” en “emotioneel” heb gebruikt.
Wel, emoties zijn bij álle facetten van de filatelie betrokken en aanwezig (zowel voor ontwerper, verzamelaar, handelaar als postbedrijf). Zou PostNL (met voorgangsters) zich intern ooit afgevraagd hebben: “Hoe gaat de verzamelaar gevoelsmatig met alle door ons ingevoerde veranderingen en vernieuwingen om? Volgzaam? Gelaten? Opstandig?”
Hoe is het écht met úw persoonlijke betrokkenheid bij alle aanpassingen in de filatelie gesteld? Humeur: tevreden !/? irritatie ?/! Mocht u over zinvolle, strikt persoonlijke ervaringen, met reden omklede belevingen en/of visionaire ideeën beschikken (afstandelijk ?/!, betrokken !/?) dan houd ik me daar ten zeerste voor aanbevolen (batehijlkema@hetnet.nl). Binnenkort, aan het begin van dit filatelistische seizoen, hoop ik op deze voor de filatelie weinig bekende, maar uiterst invloedrijke materie nader in te gaan!

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (nog geen stemmen)
Loading ... Loading ...
  • Delen:
  • Delicious
  • Hyves
  • Facebook
  • eKudos
  • MSN Reporter
  • NUjij
  • Twitter
  • LinkedIn
  • Digg
  • Google
  • Windows Live Favorites
PrintSchrijf een reactie

Bate Hylkema schrijft vanaf 1980 artikelen over filatelie en woont in het Friese Beetsterzwaag.

Reacties (0)

Schrijf een reactie