Een van de minst bekende postwaardestukken is het pigeongram uit het voormalige Tsjechoslowakije van 1968. Hoewel het om een gelegenheidspostwaardestuk gaat is het toch een interessante variatie in een thematische verzameling. Het gebruik ervan is beperkt tot een vogelverzameling (de purperreiger) of duivenverzameling.
Ik heb het stuk geplaatst in mijn verzameling over de mijnen om aan te geven dat ‘koelpieten’ ook vaak ‘doevepieten’ zijn, die aan wedstrijden meedoen. Een verzameling over de ‘Tijd’ kan het postwaardestuk eventueel ook gebruiken vanwege de afstempeling. Het schijnt dat hetzelfde soort documenten eveneens in Australië, Zuid-Afrika en Uruguay is te vinden. Tot op heden heb ik het nog niet kunnen vinden. Wel zijn er pigeongrammen uit die landen met geplakte zegels gevonden. Dan is het geen postwaardestuk.
Berichten per duif versturen heeft vaak plaatsgevonden. Bij de omsingeling van Parijs in 1870 werden berichten en op microfilm geplaatst en de duif nam het bericht mee van en naar de vrije wereld. Eenmaal op de bestemming aangekomen zijn de duiven van hun ‘vracht’ verlost en werden de microfilms op een scherm vergroot. Deze microscopische berichten zijn later pigeongrammen genoemd en getuigen van een geraffineerde manier waarop berichten door de vijandelijke linies zijn gekomen. Toch zijn ook heel wat berichten verloren gegaan. De Pruisen schoten de duiven neer als ze er kans toe hadden. Omdat de pigeongrammen door de Franse postadministratie zijn uitgevonden en het resultaat zijn van een noodtoestand kunnen deze documenten thematisch worden gebruikt in een duivenverzameling.

Zowel in vredes- als in oorlogstijd zijn duiven altijd een welkom hulpmiddel geweest om berichten te versturen. In 1898 liet Nieuw-Zeeland van zich horen door in Auckland de Great Barier Pingeongram Service te stichten. De dienst zorgde voor het versturen van berichten van en naar de Great Barier eilanden, 50 km ten noorden van Auckland.
Herm is een eiland voor de Franse kust van Normandië. Het behoort tot het autonome baljuwschap Guernsey. Herm is het kleinste kanaaleiland dat vrij te bezoeken is. Net als op het buureiland Sark is er geen gemotoriseerd vervoer, verder wijkt het af doordat ook fietsers hier verboden zijn. Het eiland is slechts 2,5 km lang en minder dan 800 meter breed. In 2002 woonden er in totaal 60 personen.

Dit artikel, geschreven door Al Brull, werd gepubliceerd in het Eekaapeeveetje van januari/februari 2011, het verenigingsblad van de Eerste Kerkraadse Philatelisten Vereniging. Lees ook het volledige blad: Eekaapeeveetje nummer 1 – 2011.
















Reacties (7) Schrijf een reactie
Ik heb een Pigeongram van een poststuk dat door een Politieduif is gedragen. Dit gebeurt nog steeds in de Indiaase deelstaat Orissa. Daar is men zo arm, dat de enige manier van communiceren tussen politiebureau’s de politiepostduif is. Ik zal hierover binnenkort een blog sturen naar Lia met een afbeelding van dit Pigeongram
Willem de dieren politie bestaat dus al wat langer (lol)
Brull@ Mooi artikel met wat vragen 1870 microfilm en uitvergroten op een scherm .Waren er in 1870 al microfilms die uitvergroot konden worden ,ik kan daar via internet niets over vinden.
@Aad: Er is toch niets nieuws onder de zon Aad. Alles wat je tegenwoordig ziet is gejat van ideeën uit het verleden.
Aad,
de fotografie was al ver voor 1870 uitgevonden… Lumiere, Niepce e.d.
En nonniken konden al eeuwen eerder skribbelen op de vierkante millimeter…
Rein we hebben het over de micro film de eerste bioscoop film dacht ik 1895 dus ik vind de microfilm wat later opduiken .Vandaar mijn vraag hoe een en ander dan op een scherm wordt uitvergroot in 1870 !
Aad,
ze hadden toen ook al beeldschermen! Uitvergroot op scherm!
http://www.wereldoorlog1418.nl/duivenpost/index.html
Bij de duivenpost naar Parijs werden de berichten niet bevestigd aan een poot maar aan de staart. Bij de eerste duiven bond men een stijf opgerold briefje aan een staartpen. Later bevestigde men een holle ganzenveer aan de staart. Aanvankelijk bevatte die pennenschacht een met de hand geschreven briefje op dun papier.
Een holle ganzenveer werd aan de staart bevestigd
Hier kun je die ganzenveer nog duidelijker zien.
In deze holle pennenschacht konden wel 20 velletjes worden meegenomen.
Nog later ging men de berichten heel klein afdrukken op dun fotopapier, soms tweezijdig, zodat je veel meer berichten in één ganzenveer kwijt kon.
Complete krantenpagina’s werden op deze wijze Parijs binnen gebracht.
Op een gegeven moment werd de duivenpost naar Parijs open gesteld voor het publiek: iedereen kon tegen betaling een soort telegram naar familie en vrienden in Parijs sturen. Dat werd in enkele maanden een enorm succes! Maar toen werden de berichten niet meer op papier afgedrukt, maar op een soort micro-fiches. Echt waar, in 1870!
Microvliesjes
Die techniek werd uitgevonden door een Parijse fotograaf, Dagron genaamd. Hij fabriceerde vliesjes van een soort gelatine en daarop kon hij microscopisch kleine teksten afdrukken. Toen de regering in Tours doorhad dat deze techniek een grote verbetering zou opleveren voor de duivenpost, lieten ze Dagron, vergezeld door twee medewerkers, per ballon overkomen.
Die overtocht liep trouwens bijna verkeerd af: de ballon landde in een gebied dat door de Duitsers was bezet. Dagron en zijn metgezellen moesten er razendsnel van door en gescheiden van elkaar bereikten ze enkele dagen later het veilige Tours.
Daar richtte Dagron een laboratorium in en toen ze zover waren dat ze konden gaan drukken, moest de tijdelijke regering uitwijken naar Bordeaux. Vanuit deze stad startte Dagron de productie van zijn microvliesjes op 15 december 1870.
Op zo’n vliesje van 3 bij 5 centimeter stonden maar liefst 3000 berichten
De afmeting van de vliesjes bedroeg ongeveer 3 bij 5 centimeter. Ze wogen vrijwel niets, er konden er wel twintig in één ganzenveer. Via microfotografie kon Dagron een krantenpagina terugbrengen tot minder dan een centimeter. Op één zo’n vliesje konden 180.000 letters, zo’n 3.000 berichten!
Om meer kans te maken dat de berichten Parijs zouden bereiken, werden de vliesjes vele malen gekopieerd en aan verschillende duiven meegegeven, ook bij verschillende lossingen.
Berichten
Als een duif aankwam op zijn hok in Parijs werd het buisje van zijn staart gehaald en dat werd naar het centrale postkantoor gebracht. De briefjes en vliesjes werden hier voorzichtig uit de pennenschacht gehaald, tussen twee glasplaten geklemd en vervolgens via een soort toverlantaarn met vergrotende lenzen op een scherm geprojecteerd, zodat de teksten leesbaar werden. Een groep klerken schreef alles netjes over en tenslotte werden de berichten bezorgd bij de juiste adressen.
Schrijf een reactie