Wist u dat de grafische ontwerper Oxenaar destijds Nederlandse bankbiljetten (5 en 10 gulden) met guillocheerwerk (met dooreengevlochten lijnen (guilloches ) bedrukken) heeft ontworpen, dat gedeeltelijk door computers werd aangestuurd?
Op de voor- en achterzijde van het 5 en 10 guldenbiljet staan ingewikkelde, moeilijk na te maken cirkel- en ovaalvullingen met rechte en gebogen lijnen.


Wist u ook dat dezelfde ontwerper met anderen ná een tijdrovende experimenteerperiode voor de Zomerzegels 1970 (nvph 965/69) deze guillocheertechniek met de nodige lineaire structuren ook heeft weten toe te passen?





In mijn vorige aflevering heb ik deze vijf zomerzegels 1970 met abstracte, betekenisloze afbeeldingen al opgevoerd als tegenhangers van meer of minder gemakkelijk te interpreterende betekenissen van postzegelafbeeldingen. Graag geef ik in deze aflevering ook een aanvulling op de 41e supplement van het ‘Handboek postwaarden Nederland’, waarin deze zomerzegelemissie in woord en beeld uitgebreid wordt behandeld. Hierbij zal ik proberen toch enkele postzegels visueel en inzichtelijk beter uit de verf te laten komen. Voorts belicht ik de extra activiteiten om de verkoop van deze abstract vormgegeven zomerzegels 1970 te stimuleren en/of in stand te houden, gelijk de inkomsten van het jaar ervoor.
De zomerzegels van 1970 waren destijds een wereldprimeur in de postzegelwereld. Grafisch ontwerper Oxenaar maakte voor de uitwerking van zijn ideeën gebruik van de technische mogelijkheden van de computer. Met behulp van een computerbestuurde tekenmachine ontstonden lineaire structuurtekeningen op een postzegel (22 x 22 mm). Dergelijk grafisch tekeningen werden als een element van waarborg van een waardepapier gezien.

Met het aanbrengen van deze ingewikkelde ornamentpatronen (guillocheerwerk) werd al eeuwen gewerkt om te voorkomen dat waardepapieren (o.a. bankbiljetten en postzegels) eenvoudig nagemaakt konden worden. In de zestiger jaren van de vorige eeuw konden computers dergelijke mathematische vormen/motieven ook (via een minder tijdrovend proces) produceren met hele dunne, hele strakke elkaar onder steeds wisselende hoeken kruisende lijnen.

De afbeelding van de 25 cent postzegel werd in een meer uitgebreide structuursamenstelling als muurdecoratie door de Pers- en Propagandadienst van PTT in het formaat 55 x 55 cm. De vijf zomerzegels zijn op vijf bladen afgedrukt met daarop zestien keer de afbeelding van één zomerzegelstructuur. Wie van de lezers beschikt nog over de vier resterende zomerzegelafbeeldingen als muurdecoratie?
De vibrerende uitstraling van deze vijf ruimtelijke lijntekeningen veroorzaakt in iedere afbeelding een aantrekkelijke dynamiek, bij één zomerzegel zelfs een roterende werking. De verschillende tekeningen mét achtergrondkleuren (geel, blauw, wit en twee keer aluminium-/zilverkleurig) geven iedere postzegel een eigen individuele uitstraling, waardoor de zegels onderling identificeerbaar blijven.
Het is niet zonder zin geweest dat juist de zomerzegels deze primeur ten deel is gevallen. Zomerzegels hebben met hun bijslaggelden tot doel de structuur van het menselijk bestaan in onze maatschappij te verbeteren.

Zomerzegels 1970 met computerontwerpen (nvph 965/69)
12 ct zesvlak in drie projecties, opgebouwd uit tussenvormen in negen fasen (overgaand van vierkant naar cirkel)

15 ct twaalf evenwijdige horizontale vlakken (met ruitindeling) in een kubus bezitten alle hetzelfde verdwijnpunt

20 ct twee cirkelkwarten van een ronde schaalverdeling zijn 180* gedraaid en over elkaar heen geplaatst
25 ct stapeling van drie verschillend samengedrukte cirkels met daarin twee keer acht cirkels met oplopende diameter

45 ct samenwerkingsverband van vier spiralen (vanuit het centrum is de opbouw te overzien en te ontdekken)
Voorlichting
Het Comité voor de Zomerzegels heeft voor de vrijwilligers van de plaatselijke zomerzegelcomité’s een voorlichtende folder samengesteld. Het doel daarvan was dat deze leden tijdens de verkoop van deze zomerzegels daarbij een passend achtergrondverhaal zouden kunnen voorzien en daarmee de postzegelverkoop zouden kunnen bevorderen. Het Comité maakte zich zorgen over de abstracte zegelafbeeldingen de verkoop wel eens zouden kunnen benadelen. Daarom werd veel reclame gemaakt en veel folders verspreid.

Deze reclame-affiche, bestemd voor de bordjes boven de brievenbussen, met een variatie op het ontwerp van de 25 cent postzegel, attendeerde het publiek er ook op dat de geldigheid ‘onbepaald’ was (dus niet beperkt tot een jaar ná uitgifte, zoals dat voor alle na-oorlogse bijzondere postzegels vóór 1968 het geval is geweest).
In feite was deze gereserveerdheid ongegrond, want PTT wist natuurlijk dat de zomerzegels slechts in geringe mate door het gewone publiek werden gekocht en voor frankering gebruikt. Verreweg het grootste deel werd gekocht door filatelisten en postzegelhandelaren. Alleen het aantal verkochte eerste-dag-enveloppen bedroeg al 200.000, bijna 20 procent van het totaal verkochte series. Het niet-filatelistische publiek gebruikte alleen de 25 cent frankeerwaarde (ongeveer 500.000 stuks) op binnenlandse brieven.

Toepassingen van de guilloche-techniek (in historisch perspectief gezien)
1 De New York Times schonk zelfs aandacht aan deze postzegelprimeur met de constatering: “Geen nieuws onder zon.” De krant vergeleek deze zomerzegels met ’s werelds oudste postzegel, de Britse Penny Black, uit 1840. De beeltenis van koningin Victoria was namelijk gegraveerd op een achtergrond van ingewikkelde structuren.

2) In 1940 gaf de Duitse bezetter een serie guilloche-opdrukzegels (nvph 356/73) uit, bekend onder de naam ‘de duif achter tralies’, na de inbeslagneming in 1940 van de door Konijnenburg ontworpen koninginnezegels. De duif kon niet geheel worden bedekt en weggewerkt.

3) In de 18e eeuw bekwaamde drukkerij Joh. Enschedé zich in de druk van bladmuziek door tekens uit het notenschrift van de Duitse stempelsnijder Joan Michael Fleischmann te gebruiken. Alles wat componeerbaar was, kom met dit schrift zetbaar gemaakt worden. Het was toen de gewoonte deze stempels in een strook jute te wikkelen en in opgerolde toestand (met een touwtje verstevigd én voorzien van een label) te bundelen en te bewaren. Joh. Enschedé heeft 1814 een reeks van deze unieke muziektekens gebruikt als beveiligde sierrand op de eerste versie waardedocumenten van De Nederlandsche Bank.

Op de gebogen strook tussen de spiraalvormige lijn van het opgerolde bundeltje muziektekens (de bovenkant ervan is gestileerd op de postzegel geplaatst) heeft ontwerpster Inge Madlé een groot aantal van deze sierlijke muziektekens geplaatst. Deze symbolen heeft ze vereenvoudigd tot zakelijk gestileerde tekens en in goud uitgevoerd. De tekens achter/tussen de vierkleurige rel “Driehonderd jaar onvervalst waardedrukker” is in preegdruk (bestaande uit een rechthoekige en cirkelvormige lijnvoering) uitgevoerd. De voelbaarheid ervan is vanouds een goede anti-kopieer-beveiliging bij waardedocumenten gebleken.


Nederland kent nog meer postzegels met geguillocheerde deelafbeeldingen op postzegels.



















Reacties (7) Schrijf een reactie
Bate, in de laatste illustratie (44 cent zegel van 2006) zie ik toch geen Guilloche!
De bekendste Duitse Guilloche-serie is wellicht de serie “Rosetten” uit 1923 Deutsche Reich.
Zie de website http://www.ingemadle.nl voor meer voorbeelden van ’security design’. Naast postzegels en bankbiljetten zijn er ook voorbeelden van documenten te zien, zoals de Nederlandse stempas, en een tankpas.
Toon, je hebt gelijk een foutje van mij! Nvph 2487 had afgebeeld moeten worden i.p.v. nvph 2485. Ik zal Lia vragen of ze de fout alsnog kan herstellen.
interessant artikel zeg!
zit toch heel veel techniek achter zo’n postzegel
gr
marja
Ik wist ook niet dat er zoveeel achter de postzegel vandaan kon komen. Ik ben geen verzamelaar maar ik vind het jammer dat de email het aan het overnemen is van de post…
Leuk artikel om te lezen! Ik hoop dat de nieuwste uitvinding van Tnt/ post Nl, het zelf printen van de postzegels, de postzegel niet zal doen gaan verdwijnen…
Schrijf een reactie