Mooi NL 2009: “Op welke manier ervaar en/of beleef je een stad?”

3

De karakterisering in de filatelistische pers van beide Mooi NL-postzegels van Assen en Tilburg zijn divers én bijzonder veelzeggend, maar . . . eenzijdig. Of is er van onbegrip sprake?

Julius Vermeulen op blog: “Op het vel is een bonte verzameling van kaarten met afbeeldingen te zien. Voorlopig hebben de ontwerpers een record gevestigd qua hoeveelheid informatie dat je op een velletje kwijt kunt.”

Hero Wit in GPD-kranten: “De ontwerpers hebben te veel onderwerpen willen uitbeelden. Gevolg er is een rommelig geheel ontstaan, dat nog eens wordt geaccentueerd door kleurgebruik en veel tekstblokjes. De ontwerpers  zijn verdronken in het aantal onderwerpen.”

Toon op blog: “Wow, wat een informatie van de ‘schoanste stad van ’t laand’ (Tilburg). Ik ben in de buurt geboren, dus mij spreekt de info best wel aan, maar dat velletje: BAH!”

Stewie op blog: “Wat verschrikkelijk lelijke zegels!”

Albert Haan op blog: “Een warboel, veel te veel informatie op een klein vlak. Je weet (ziet) niet wat je ziet. Nogmaals te druk.”

Toon op blog: ”Door zoveel mogelijk info op een velletje te propen is een grote janboel geworden.”

Het overgrote deel van de op- en aanmerkingen heeft met het gevoel van de reageerder te maken. Het onoverzichtelijke en chaotische van het totaalbeeld van het postzegelvelletje wordt niet gewaardeerd, dat overigens wél in nauw verband staat met én bepaald wordt door het fenomeen van de ‘eigentijdse, moderne stad’ van tegenwoordig.

stempel-assen-tilburg-20090310Bij de beoordeling is na de eerste oriënterende kennismaking van het postzegelvel toch gewenst hoofd- en bijzaken van elkaar te scheiden en deze beide op hun verdiensten/merites te bekijken en te beoordelen. Vermeulen stelt over de postzegelrand (velletje zonder postzegels) niet voor niets: “De overige ruimte van het vel wordt gebruikt om een aantal bijzondere kenmerken van de desbetreffende gemeente te belichten, die in eerste instantie niet op de postzegel te zien zijn.”

De karakteristieke sfeerbeelden van de velrand bezitten een toegevoegde waarde; ze voegen iets toe aan de hoofdzaak, namelijk aan de Mooi NL-postzegelafbeeldingen van Assen en Tilburg: de kenmerkende stadsculuurdrukte en -beweging. De postzegelafbeeldingen van Assen en Tilburg zijn bepaald niet druk en/of onoverzichtelijk. Integendeel!

affiche-assen-mooi-nederland

Naast de frankeerwaarde op de Assen-zegel zijn Bartje, het verkeerspark door trapauto en TT-circuit door twee motoren meteen te duiden op voorwaarde dat men op de hoogte is van deze drie typisch regionale onderwerpen. De landsnaam (als info-deel van het bijschrift “Verkeerspark in Nederland”) bezit een dubbele functie.  Een vondst! Voor een juist begrip van de informatieve info-teksten van de drie deelafbeeldingen is bij het verkeerspark toch de velrand nodig!

De drie afbeeldingen van Tilburg zijn voor mij als noordeling bij gebrek aan regionale kennis iets minder aansprekend. Bekend zijn echter voor mij wel de persoon achter het spinnewiel als verbeelding van de wolstad en het reuzenrad als vertegenwoordiger van de grote Tilburgse kermis. De afbeelding van de woontoren met balkons als vogelkooitjes geeft me kennisverrijking van Tilburg. Door de tekst “Grootste kermis van Nederland” krijgt de landsnaam wederom een dubbelfunctie. De persoon achter het spinnewiel bezit geen vetgedrukte info-tekst op de postzegel. Voor de kermis-info kan maar vier keer gebruik gemaakt worden van de velrand; bij de onderste postzegel lukt het niet!

Juiste karakterisering? Voor de één wel, voor de andere niet!

“De drukte”, “het rommelige”, “het onoverzichtelijke”, “de janboel”, “het verdrinken in”, “de hoeveelheid”, “de warboel”, “het bonte en kleurige” zijn alle stuk voor stuk treffende kenmerken/karakteriseringen van de dynamiek en snelheid in onze huidige steden (maatschappij), zoals velen dat gevoelsmatig ervaren/beleven. Het overdonderende bestaat er o.a. uit de veelheid aan stedelijke informatie als verkeersborden, auto’s, fietsen, motoren, trams, uithangborden, affiches, verkeerslichten, lichtreclame, kleurigheid, lawaai en uitlaatgassen.

Op de velranden van beide velletjes is deze stadscultuur raak getypeerd. Ze geven er een gevoelsmatig verbeelding van de wijze waarop men een stad ervaart/beleeft.

Mooi en aantrekkelijk vinden van dit stedelijk milieu is dus sterk persoonsgebonden. De stadsbewoner is het zich niet meer bewust, is er aan gewend en daardoor afgestompt. Iemand van het platteland ervaart een stad geheel anders. De uitspraak van een stadsmens die bij hem op bezoek komt en zegt: “Ik ben in dit dorp bang voor de stilte, rust en schaarse verlichting (’s avonds). Hier valt niets te beleven” is voor hem weer onbegrijpelijk.

affuche-tilburg-mooi-nederland

Wel het mooi vinden van het zakelijk-afstandelijk en onbetrokken samenstellen via de collagetechniek van Mooi NL 2009 met z’n ‘rumoer’ voor oog, gehoor en reuk is ook sterk persoonsgebonden. De ontwerpers hebben zonder het gevoel van een belevingservaring het overdonderende en verpletterende van de stad op de velletjes verwerkelijkt (geobjectiveerd).

TNT kiest ieder jaar om eentonigheid en eenvormigheid te voorkomen weer voor een ander ontwerpbureau of ontwerper, waardoor steeds weer een andere benaderingswijze door stijl- en visieverschil op een stad naar voren komt. Vermeulen stelt daarom ook zeer nadrukkelijk: “. . . de ontwerper blijft verantwoordelijk voor de keuze van het afbeelden van markante . . . “ (deelonderwerpen op het velletje). “De dit jaar gekozen ontwerpers hebben voorlopig het record gevestigd qua hoeveelheid informatie.”

Hero Wit typeert in de GPD-bladen (7e ,,week) de ontwerpen van de vier voorgaande Mooi NL-velletjes als volgt: “Het ene jaar ‘werkelijk mooi’, het andere jaar ‘mooi’, dan was er een jaar dat ze er mee door konden, maar dit jaar zijn ze bijzonder rommelig.” Op welke jaren de karakteristieken betrekking hebben, wordt niet vermeld. Wel is duidelijk dat ze slaan op verschillende, meer of minder aansprekende invalshoeken en/of lieflijke ideaalbeelden die de schrijver als persoon (subjectief) van de stad heeft.

Nog een bijzonderheid

Wijs geworden door de eerste Mooi NL-uitgave in Steenwijk op 8 februari 2005, waar enkele kopers aantallen bundeltjes van 50 velletjes kochten, kon men naderhand in andere steden per persoon maar vijf velletjes verkopen. Enkelen wisten de beperking te omzeilen door vrouw en kinderen mee te nemen. Dit jaar is de limiet-verkoop opgeheven. Nu kan men een onbeperkt aantal velletjes in één keer inslaan. Op = op!

Beoordeel met 1 sterBeoordeel met 2 sterrenBeoordeel met 3 sterrenBeoordeel met 4 sterrenBeoordeel met 5 sterren (nog geen stemmen)
Loading ... Loading ...
  • Delen:
  • Delicious
  • Hyves
  • Facebook
  • eKudos
  • MSN Reporter
  • NUjij
  • Twitter
  • LinkedIn
  • Digg
  • Google
  • Windows Live Favorites
PrintSchrijf een reactie

Bate Hylkema schrijft vanaf 1980 artikelen over filatelie en woont in het Friese Beetsterzwaag.

Tags bij dit artikel

Reacties (3) Schrijf een reactie

  • johan op 29 maart 2009 om 09:10

    De eerste indruk is rommelig. Maar als je wat verder kijkt (en dat is belangrijk bij kunstzinnige uitingen!) is het toch wel een aardig vel. Ik vind het wel best gewaagde en creatieve collage van plaatjes en tekst en zeker iets van deze tijd. De zegel komt het mooist uit op een gestempelde brief lijkt me. :) gr Johan, postzegelforum.nl

  • Bate Hylkema op 29 maart 2009 om 11:19

    Met karakteristieke gebouwen, voorvallen en historische situaties van Assen en Tilburg staat ook de gejaagde en roerige hectiek van een stad in het algemeen centraal op het postzegelvelletje.
    Het onbetrokken tonen van deze chaotische en onoverzichtelijke drukte (op deze manier afstandelijk gevisualiseerd) wordt gevoelsmatig niet door iedereen op prijs gesteld en gewaardeerd.
    Tussen gevoel en verstand, tussen een gevoelsmatige benadering en een verstandelijke waarneming bestaat een groot verschil, niet alleen bij het ontwerpersduo, maar ook bij u als bloglezer.

  • dolores op 29 maart 2009 om 13:05

    Het begint wel een gewoonte te worden om steeds meer op een Nederlandse postzegel te zetten. Tekst wordt ook steeds vaker gebruikt. Het risico is toch dat je afhaakt, niet de moeite neemt te bekijken waar het over gaat.

Schrijf een reactie